De Formule 1-wedstrijd in Oostenrijk dit weekend is door de internationale autosportfederatie FIA officieel aangemerkt als een zogenoemde ‘hitterisicowedstrijd’. Dit gebeurt wanneer de verwachte temperatuur op het circuit op enig moment tijdens de actieve sessies boven de 31 graden Celsius uitkomt. Voor de race van zondag, die 71 ronden telt, worden temperaturen tot wel 33 graden Celsius verwacht.
Door deze aanwijzing mogen coureurs gebruikmaken van een speciaal koelsysteem. Dit systeem pompt gekoelde vloeistof, zoals glycol, door een netwerk van buisjes in een vuurvast ondershirt dat onder het racepak wordt gedragen. Het gebruik van dit koelpak is niet verplicht, maar coureurs die er bewust voor kiezen het niet te dragen, moeten als compensatie 5 kilogram extra ballastgewicht in hun auto meenemen. Op die manier wordt voorkomen dat zij een sportief voordeel behalen ten opzichte van collega’s die het systeem wél gebruiken.
De Oostenrijkse Grand Prix is de eerste race van dit seizoen waarop de hitterisicoregeling van toepassing is. Europa wordt momenteel getroffen door een hittegolf die in meerdere landen, waaronder het Verenigd Koninkrijk, tot recordtemperaturen leidt.
De maatregel werd vorig jaar voor het eerst ingevoerd en werd toen toegepast tijdens de Grands Prix in Singapore en de Verenigde Staten.
Niet alle coureurs zijn even enthousiast over het koelpak. Sommigen ervaren het als oncomfortabel, en er zijn gevallen bekend waarbij de koelvloeistof al voor het einde van de race op was. In dat geval warmt de vloeistof op tot de temperatuur van de auto zelf, wat aanzienlijk hoger is dan de buitentemperatuur en daarmee averechts kan werken.
De omstandigheden in een Formule 1-cockpit zijn sowieso al extreem. De temperatuur daarbinnen kan oplopen tot meer dan 40 graden Celsius, terwijl coureurs meerdere lagen vuurvaste kleding dragen, aangevuld met een bivakmuts en helm. Oververhitting vormt daardoor een serieus gezondheidsrisico voor de rijders.





