ORANJESTAD — De MEP-fractie in het parlement zegt het screeningsproces van Mike de Meza van dichtbij te volgen. Volgens de fractie moet de geldende screeningswet worden nageleefd en is het van belang dat alle parlementariërs zich achter deze kwestie scharen.
Aanleiding is het vonnis dat de rechter woensdag 4 juni heeft uitgesproken in de zaak van Mike de Meza tegen DIMP. In dat oordeel gaf de rechter in hoofdlijnen aan de zaak niet inhoudelijk te kunnen behandelen en dat de verantwoordelijkheid hiervoor bij de formateur ligt.
Daarnaast stelde de rechter vast dat alle relevante documenten al sinds 1 maart in handen zijn van de formateurs, Mike Eman en Gerlien Croes. Volgens de uitspraak zal daarin geen verandering meer komen, waarmee de verantwoordelijkheid opnieuw nadrukkelijk bij premier Mike Eman wordt gelegd.
De rechter wees er verder op dat er in het dossier zowel elementen zijn die in het nadeel van De Meza werken als punten die in zijn voordeel spreken. In zijn nadeel weegt mee dat hij in het verleden bij verschillende gelegenheden zijn belastingaangifte niet op tijd heeft ingediend en ook belastingen niet tijdig heeft betaald.
Daar staat tegenover dat De Meza, nadat het screeningsproces eenmaal was gestart, de benodigde documenten alsnog heeft ingediend en openstaande verplichtingen heeft voldaan. Op dit moment heeft hij geen belastingschuld meer.
De MEP-fractie onderstreept dat juist daarom een zorgvuldige en consequente toepassing van de screeningsregels noodzakelijk is. De fractie spreekt de hoop uit dat ook andere parlementariërs zich zullen verenigen rond wat zij omschrijft als een belangrijke kwestie voor goed bestuur.




