In de grensregio van de Indiase deelstaat West-Bengalen speelt zich een schrijnende situatie af. Honderden moslimmigranten uit Bangladesh worden opgepakt en naar de grens gebracht, terwijl anderen worden vastgehouden in detentiecentra. Dit alles is onderdeel van een grootschalige actie van de deelstaatregering om ongedocumenteerde migranten op te sporen, te registreren en uit te zetten.
In het grensdorpje Hakimpur, in het district Noord 24 Parganas, wacht een gezin in benauwde omstandigheden op hun lot. Een man staat in de brandende zon bij een checkpoint, terwijl zijn vrouw en twee tienerzoons in een halfafgebouwd gebouw zitten te wachten. Er is nauwelijks drinkwater beschikbaar en de hitte maakt de situatie ondraaglijk. Het gezin is een van de vele Bengaalse moslimfamilies die door de autoriteiten als ‘illegale indringers’ worden bestempeld.
De actie is gelanceerd door de deelstaatregering van de Bharatiya Janata Party (BJP), de hindoe-nationalistische partij van premier Narendra Modi. De BJP veroverde West-Bengalen slechts een maand geleden voor het eerst, na een overtuigende verkiezingsoverwinning. Sindsdien heeft de nieuwe deelstaatregering een beleid ingevoerd dat wordt omschreven als ‘opsporen, schrappen en deporteren’. Ook worden er zogeheten ‘opvangcentra’ gebouwd waar migranten worden vastgehouden totdat ze worden teruggestuurd naar Bangladesh.
India en Bangladesh delen een grens van ruim 4.000 kilometer, de vijfde langste landgrens ter wereld. De twee landen hebben historische en culturele banden, waaronder een gedeelde taal die door miljoenen mensen aan beide zijden van de grens wordt gesproken. Al meer dan een eeuw trekken voornamelijk arme arbeiders heen en weer tussen Bangladesh en de Indiase deelstaten West-Bengalen en Assam.
De huidige deportatiecampagne wekt niet alleen angst onder Bangladeshi migranten, maar ook onder delen van de moslimgemeenschap in West-Bengalen zelf. Critici vrezen dat de grens tussen ongedocumenteerde buitenlanders en Indiase moslimburgers vervaagt, en dat de actie leidt tot discriminatie op religieuze grondslag.
De situatie vergroot de religieuze spanningen in een regio die al gevoelig ligt. West-Bengalen telt bijna honderd miljoen inwoners en heeft een aanzienlijke moslimminderheid. Mensenrechtenorganisaties en oppositiepartijen hebben hun zorgen geuit over de manier waarop de deportaties worden uitgevoerd en de omstandigheden in de detentiecentra.
Bangladesh, een overwegend islamitisch land, heeft nog niet officieel gereageerd op de massale uitzettingen. De kwestie dreigt de toch al gespannen betrekkingen tussen beide buurlanden verder onder druk te zetten. Intussen wachten gezinnen zoals dat in Hakimpur in onzekere en erbarmelijke omstandigheden op wat hun te wachten staat.






