Apple-klanten kunnen binnenkort een flinke prijsstijging verwachten bij de aanschaf van verschillende producten. Het Amerikaanse techbedrijf heeft besloten de verkoopprijzen van een aantal productlijnen te verhogen, als gevolg van stijgende inkoopkosten door een tekort aan geheugenonderdelen en opslagchips.
De prijsverhogingen gelden onder meer voor de Mac-computerlijn, iPads, slimme thuisapparaten en de dure mixed-reality bril Vision Pro. De stijgingen kunnen oplopen tot wel 500 dollar per product.
Niet alle Apple-producten worden duurder. De prijzen van de iPhone, Apple Watch en AirPods blijven vooralsnog ongewijzigd. Apple lijkt er bewust voor te kiezen om de meest populaire en veelverkochte consumentenproducten buiten de prijsverhoging te houden, mogelijk om de concurrentiepositie op die markten te beschermen.
De achterliggende oorzaak van de prijsstijgingen is een aanhoudend tekort op de wereldmarkt voor geheugenonderdelen en opslagchips. Dit tekort drijft de productiekosten op, en Apple kiest ervoor deze extra kosten gedeeltelijk door te berekenen aan de eindgebruiker.





