Het American Film Institute (AFI) heeft een opvallende aanpassing doorgevoerd in zijn befaamde lijst van de honderd grappigste films aller tijden. De western-parodie ‘Blazing Saddles’ uit 1974, geregisseerd door de legendarische komische filmmaker Mel Brooks, staat voortaan officieel op de eerste plaats.
De lijst, oorspronkelijk samengesteld en gepresenteerd in juni 2000, had destijds ‘Some Like It Hot’ van Billy Wilder uit 1959 op de hoogste positie staan. ‘Blazing Saddles’ moest het toen stellen met een zesde plek. Die rangschikking bleef jarenlang ongewijzigd, totdat een bijzondere mijlpaal aanleiding gaf tot herziening: Mel Brooks viert op 28 juni 2026 zijn honderdste verjaardag.
Ter ere van dit indrukwekkende jubileum besloot het AFI de lijst opnieuw te bekijken. In een officieel persbericht omschrijft de organisatie de wijziging als een ‘ere-herindeling’. AFI-president en CEO Bob Gazzale verklaarde daarin met gevoel voor humor dat Brooks al jaren beweert dat zijn film grappiger is dan die van Wilder, en dat hij hem daarin nu gelijk geeft.
Brooks heeft overigens weinig reden tot klagen over zijn positie op de lijst, want ‘Blazing Saddles’ is niet zijn enige film in de top. Zijn debuutfilm ‘The Producers’ uit 1967 staat op de elfde plek, en ‘Young Frankenstein’ bezet de dertiende positie. Daarmee is Brooks de enige regisseur op de volledige lijst die maar liefst drie films in de top vijftien heeft staan. Andere regisseurs komen weliswaar meerdere keren voor, maar niemand haalt dat niveau.
‘Blazing Saddles’ wordt door velen beschouwd als een van de meest veelzijdige komedies die Hollywood ooit heeft voortgebracht. De film combineert slapstick en vaudeville-achtige humor met scherpe maatschappijkritiek, iets wat destijds tamelijk ongebruikelijk was voor het genre. Daarnaast bevat de film elementen die typerend zijn voor de zogeheten New Hollywood-beweging van de jaren zeventig, waaronder het doorbreken van de vierde wand, waarbij personages zich bewust lijken te zijn dat ze in een film spelen.
De erkenning van het AFI komt op een moment waarop de status van filmlijsten en instituten in brede kring ter discussie staat. Toch bieden dergelijke overzichten een nuttig vertrekpunt voor filmliefhebbers die op zoek zijn naar oriëntatie binnen het enorme aanbod van de filmgeschiedenis. Of men het nu eens is met de keuze of niet, de carrière van Mel Brooks spreekt voor zich: honderd jaar na zijn geboorte wordt hij door een van de meest gezaghebbende filminstituten ter wereld uitgeroepen tot maker van de grappigste film aller tijden.





