ORANJESTAD — De fractie van MEP heeft verzocht om een urgente openbare vergadering van het parlement om recente beslissingen van het ministerie van Onderwijs en Sport te bespreken. Aanleiding is de gunning van meerdere projecten voor de ontwikkeling van lesmateriaal zonder openbare aanbesteding.
Volgens MEP blijkt uit berichtgeving in de media dat deze beslissingen op verschillende momenten zijn genomen. De partij stelt dat daardoor niet langer kan worden gesproken van een eenmalige uitzondering. MEP zegt zich ernstig zorgen te maken over de transparantie, eerlijke en gelijke kansen voor betrokken partijen en een zorgvuldig beheer van publieke middelen.
De fractie wijst erop dat de uitzondering volgens haar niet incidenteel, maar herhaaldelijk binnen hetzelfde ministerie is toegepast, zonder duidelijkheid over de vraag of de markt is verkend of dat er andere aanbieders in aanmerking kwamen.
MEP noemt de kwestie ook politiek gevoelig, omdat minister Gerlien Croes in haar periode als Statenlid volgens de partij juist kritisch was op het gebruik van dergelijke uitzonderingen. Nu zij als minister regelmatig van dat instrument gebruik zou maken, roept dat volgens MEP vragen op over consistentie, geloofwaardigheid en bestuurlijke integriteit.
Daarnaast stelt de oppositiepartij dat dit geen op zichzelf staand geval is. Het ministerie zou eerder al onder vuur zijn komen te liggen wegens een gebrek aan transparantie, onder meer in verband met een dienstreis per privévliegtuig. Volgens MEP is daarover tot nu toe onvoldoende duidelijkheid gegeven aan zowel het parlement als de samenleving.
De fractie wil daarom dat de minister in een openbare vergadering volledige en gedocumenteerde uitleg geeft over de gevolgde procedures en de gemaakte keuzes.
“Transparantie is geen optie, maar een verplichting. Het Arubaanse volk heeft recht om te weten hoe overheidsgeld wordt beheerd en hoe belangrijke beslissingen in het onderwijs tot stand komen. Het parlement moet zijn controlerende taak zonder vertraging uitvoeren,” aldus fractieleider Evelyn Wever-Croes in een verklaring.




