Venezuela heeft nu hulp nodig, zonder politieke of economische voorwaarden

Door Ishwar Daryanani

De zware aardbevingen die Venezuela op 24 juni 2026 troffen, hebben een humanitaire noodsituatie veroorzaakt waarvan de volledige omvang nog altijd niet bekend is. Volgens de meest recente officiële cijfers die op 30 juni door Reuters werden gepubliceerd, zijn ten minste 1.750 mensen omgekomen, raakten duizenden personen gewond en verloren ongeveer 16.000 mensen hun woning. Naar schatting zijn circa 59.000 gebouwen beschadigd of volledig verwoest. Deze cijfers zijn voorlopig en kunnen verder oplopen.

Achter ieder cijfer staat een mens. Een ouder die een kind zoekt. Een kind dat niet weet waar zijn ouders zijn. Een familie die in enkele seconden haar woning, inkomen en gevoel van veiligheid heeft verloren. Ziekenhuizen functioneren onder zware druk, wegen en andere infrastructuur zijn beschadigd en duizenden mensen zijn afhankelijk geworden van noodopvang, drinkwater, medische zorg en voedsel.

UNICEF schat dat 1,8 miljoen mensen als gevolg van de aardbevingen humanitaire hulp nodig hebben, onder wie ongeveer 680.000 kinderen. In verschillende getroffen gebieden zijn ziekenhuizen en honderden scholen beschadigd. Sommige nog bruikbare scholen worden inmiddels ingezet als tijdelijke opvanglocaties voor ontheemde gezinnen.

Dit is daarom niet het moment om oude politieke conflicten opnieuw uit te vechten. Het is niet het moment om economische voordelen te berekenen, toekomstige oliecontracten veilig te stellen, diplomatieke invloed te vergroten of humanitaire hulp afhankelijk te maken van politieke concessies.

Dit is het moment om mensen te redden.

Venezuela is meer dan politiek

Venezuela wordt in internationale discussies te vaak uitsluitend bekeken door de lens van politiek, sancties, energievoorraden, ideologische tegenstellingen en geopolitieke belangen. Maar een land is niet alleen zijn regering. Een land bestaat uit mensen: kinderen, ouderen, artsen, verpleegkundigen, reddingswerkers, ondernemers, onderwijzers en families die een waardig en veilig bestaan proberen op te bouwen.

De slachtoffers onder het puin hebben geen politieke kleur. Honger vraagt niet naar een partijkaart. Een gewond kind vraagt niet welke regering een hulpverlener vertegenwoordigt. Iemand die zijn huis is verloren, heeft op dat moment geen behoefte aan geopolitieke analyses, maar aan water, voedsel, medische zorg, onderdak en informatie over vermiste familieleden.

De internationale gemeenschap moet daarom een helder onderscheid maken tussen politieke geschillen en humanitaire verantwoordelijkheid. Politieke meningsverschillen kunnen later worden besproken. Diplomatieke conflicten kunnen via daarvoor bestemde kanalen worden behandeld. Maar levensreddende hulp kan niet wachten totdat de internationale politiek overeenstemming bereikt.

Hulp mag geen onderhandelingsinstrument worden

De Verenigde Naties baseren humanitaire hulpverlening op vier fundamentele beginselen: menselijkheid, neutraliteit, onpartijdigheid en onafhankelijkheid. Dat betekent dat hulp uitsluitend moet worden verleend op grond van de ernst van de behoefte, zonder politieke, economische, religieuze of ideologische discriminatie. Humanitaire doelstellingen moeten onafhankelijk blijven van militaire, economische en politieke belangen.

Dat beginsel moet nu consequent op Venezuela worden toegepast.

Hulp mag niet worden gebruikt als beloning voor politieke medewerking. Zij mag evenmin worden tegengehouden om een regering onder druk te zetten. Tegelijkertijd moet de internationale gemeenschap erop toezien dat goederen en financiële middelen daadwerkelijk bij de getroffen bevolking terechtkomen. Menselijkheid en controle sluiten elkaar niet uit.

Transparantie, onafhankelijke monitoring, samenwerking met erkende internationale organisaties en betrokkenheid van betrouwbare lokale hulpverleners zijn noodzakelijk. Zo kan worden voorkomen dat noodhulp wordt misbruikt, achtergehouden, verkocht of verdeeld op basis van politieke voorkeur.

Ook commerciële partijen die bij transport, wederopbouw en levering van goederen worden betrokken, dragen een bijzondere verantwoordelijkheid. Een ramp mag geen gelegenheid worden voor prijsopdrijving, ondoorzichtige contracten of buitensporige winsten. Noodhulp moet doelmatig worden ingekocht en controleerbaar worden verdeeld.

De hulp moet veel groter worden

Internationale organisaties zijn reeds actief. Het Wereldvoedselprogramma wil gedurende de eerste drie maanden maximaal 500.000 getroffenen ondersteunen en kan, wanneer voldoende financiering beschikbaar komt, hulp opschalen tot één miljoen mensen. De organisatie beschikt over voedselvoorraden in Venezuela en over aanvullende noodgoederen in haar regionale hub in Panama.

De Internationale Federatie van Rode Kruis- en Rode Halve Maanverenigingen heeft een noodoproep van 50 miljoen Zwitserse frank gelanceerd om 300.000 zwaar getroffen personen te ondersteunen. De hulp omvat onder meer medische zorg, veldhospitalen, onderdak, schoon drinkwater, sanitaire voorzieningen, psychologische ondersteuning en het herstellen van contact tussen familieleden.

Deze inspanningen zijn essentieel, maar de schaal van de ramp vereist meer. Veel meer.

Niet alleen regeringen moeten handelen. Ook internationale organisaties, ziekenhuizen, universiteiten, luchtvaartmaatschappijen, transportbedrijven, bouwondernemingen, telecombedrijven, technologiebedrijven, energiebedrijven, voedselproducenten en maatschappelijke organisaties kunnen bijdragen.

De onmiddellijke prioriteiten zijn professionele reddingsteams, medische apparatuur, mobiele klinieken, medicijnen, waterzuiveringsinstallaties, sanitaire voorzieningen, tijdelijke huisvesting, voedsel, communicatievoorzieningen en ondersteuning bij het identificeren en registreren van slachtoffers en vermisten.

Daarna volgt een langdurige herstelperiode. Beschadigde ziekenhuizen, woningen, scholen, wegen, elektriciteitsvoorzieningen en communicatienetwerken moeten worden hersteld of opnieuw worden gebouwd. Ook psychosociale zorg zal jarenlang nodig blijven. Overlevenden hebben niet alleen materiële hulp nodig, maar ook begeleiding bij verlies, trauma en onzekerheid.

Aruba en het Koninkrijk nemen verantwoordelijkheid

Voor Aruba is Venezuela geen ver verwijderd land. Het ligt vlak voor onze kust. Veel inwoners van Aruba hebben familiebanden, vriendschappen, zakelijke relaties of een gedeelde geschiedenis met Venezuela. Wat daar gebeurt, wordt ook hier gevoeld.

De regering van Aruba verklaarde op 25 juni bereid te zijn Venezuela op iedere mogelijke humanitaire wijze te ondersteunen. Daarbij werd contact gelegd met Venezolaanse en Koninkrijksautoriteiten om de behoeften en mogelijkheden voor hulpverlening vast te stellen.

Ook binnen het Koninkrijk zijn concrete stappen gezet. Zr.Ms. Groningen vertrok vanaf Curaçao met voedsel, water, hulpgoederen, een helikopter en snelle vaartuigen richting Venezuela. Het marineschip beschikt bovendien over een installatie waarmee extra drinkwater kan worden geproduceerd. De inzet wordt afgestemd met de Venezolaanse autoriteiten en de Verenigde Naties.

Dat zijn belangrijke voorbeelden van regionale solidariteit. Maar zij moeten het begin vormen van een bredere en langdurige inzet.

Een oproep aan de wereld

Mijn oproep is eenvoudig: kijk op dit moment niet eerst naar wat Venezuela economisch of politiek kan teruggeven. Kijk naar wat de Venezolaanse bevolking nodig heeft om te overleven.

Laat landen die normaal tegenover elkaar staan nu naast elkaar werken. Laat politieke rivalen dezelfde noodhulpoperatie ondersteunen. Laat internationale organisaties, regionale regeringen en particuliere ondernemingen hun expertise en middelen bundelen.

Wie vliegtuigen heeft, kan goederen vervoeren. Wie schepen heeft, kan voedsel en water brengen. Wie medische teams heeft, kan ziekenhuizen ondersteunen. Wie communicatietechnologie bezit, kan helpen vermiste personen te registreren en families te herenigen. Wie bouwkundigen en ingenieurs heeft, kan gebouwen inspecteren en infrastructuur veiligstellen. Wie financieel kan bijdragen, kan dat doen via betrouwbare en controleerbare humanitaire organisaties.

Niemand hoeft alles te kunnen doen. Maar bijna iedereen kan iets doen.

De Venezolaanse bevolking heeft geen behoefte aan medelijden op afstand. Zij heeft behoefte aan georganiseerde, grootschalige en langdurige solidariteit. Niet morgen, wanneer de internationale aandacht is verdwenen. Niet pas wanneer alle politieke voorwaarden zijn besproken. Maar nu.

De wereld zal later worden beoordeeld op de vraag of zij in deze beslissende dagen vooral naar haar eigen belangen keek, of naar de mensen die onder het puin, in overvolle ziekenhuizen en in tijdelijke opvanglocaties op hulp wachtten.

Dit is het moment om Venezuela niet te benaderen als een politiek dossier of een economische kans, maar als een samenleving van mensen in nood.

Laat menselijkheid nu het enige belang zijn.

De redactionele structuur en juridische zorgvuldigheid van deze bijdrage volgen het voor Amigoe Aruba aangeleverde publicatiekader.

Topics

Arubaanse dichteres presenteert gedicht op Poetry Night 2026

Arubaanse dichteres Ruthy Lady Ruth presenteert op 26 augustus 2026 een Papiamentstalig gedicht over menselijke verbondenheid tijdens een Poetry Night.

Eerste wilde Lora geboren op Aruba sinds herintroductie

Op Aruba is in 2025 voor het eerst een wilde Lora geboren sinds de herintroductie van de soort, die al sinds 1947 uit de natuur was verdwenen.

India’s kansen op halve finales hockeywereldkampioenschap 2026 afhankelijk van groepsfase

WILLEMSTAD — De vraag of India zich kan kwalificeren...

Premier Eman benadrukt belang monumentenbescherming Aruba

Premier Eman benadrukt dat bescherming van meer dan 350 historische panden op Aruba de culturele identiteit van het eiland moet waarborgen.

LMGI Awards 2026: ‘One Battle After Another’ en ‘Marty Supreme’ winnen

'One Battle After Another' en 'Marty Supreme' wonnen de topprijzen bij de Location Managers Guild International Awards 2026. De uitreiking vond plaats op 22 augustus 2026.

Infini presenteert Menu XVI: Arubaanse geschiedenis via culinaire reis

Restaurant Infini op Aruba presenteert Menu XVI, een meergangendiner waarbij chef Urvin Croes de geschiedenis van het eiland vertelt via gerechten.

Canada vs Trump: premiers reageren op 50% tarieven

Canadese premiers slaan terug nadat Trump 50% tarieven oplegde aan circa $20 miljard aan Canadese goederen. Premier van British Columbia David Eby stelt dat Trump niet te vertrouwen is.

Colombia herstelt banden met Israël: Petro kritisch

Oud-president Gustavo Petro zegt dat het herstel van de banden met Israël onder Netanyahu 'de genocide in Gaza applaudisseert'. Colombia's nieuwe rechtse regering herstelde de relaties twee jaar na Petro's verbreking.

Related Articles

Popular Categories