De wedloop naar de maan tussen de Verenigde Staten en China wint aan kracht. NASA heeft recentelijk haar plannen bekendgemaakt om mensen terug naar de maan te sturen, met als uiteindelijk doel een permanente bemande basis op het maanoppervlak te vestigen in de jaren dertig van deze eeuw. Tegelijkertijd laat China zien dat het zijn eigen ruimteambities serieus neemt door drie astronauten de ruimte in te sturen.
De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA werkt aan een gedetailleerd stappenplan om niet alleen voet op de maan te zetten, maar ook om daar langdurig aanwezig te blijven. Dit gaat verder dan de historische Apollo-missies uit de jaren zestig en zeventig, waarbij astronauten slechts kort op het maanoppervlak verbleven. Het nieuwe streven is gericht op een duurzame aanwezigheid, waarbij infrastructuur en faciliteiten op de maan worden opgebouwd.
China laat zich ondertussen niet onbetuigd. Het land heeft zijn ruimtevaartprogramma de afgelopen jaren flink uitgebreid en toont met de recente lancering van drie taikonauten aan dat het de technologische capaciteit heeft om een serieuze concurrent te zijn in de internationale ruimtevaart. Ook China koestert plannen voor maanverkenning en wil op termijn eveneens een permanente aanwezigheid op de maan realiseren.
Deze ontwikkelingen roepen belangrijke juridische en geopolitieke vragen op. Wie heeft het recht om de maan te gebruiken? Kunnen landen stukken maangrond claimen? Michelle L. D. Hanlon, directeur van het Center for Air and Space Law aan de Universiteit van Mississippi, wijst erop dat het huidige internationale ruimterecht, vastgelegd in het Ruimteverdrag van 1967, bepaalt dat de maan niet door één land kan worden geclaimd als nationaal grondgebied. Toch laat het verdrag ruimte voor interpretatie als het gaat om het gebruik van hulpbronnen op de maan, zoals water of mineralen.
De toenemende concurrentie tussen de twee ruimtemachten heeft niet alleen wetenschappelijke, maar ook strategische dimensies. Toegang tot de maan kan in de toekomst van groot belang zijn voor het winnen van grondstoffen en als uitvalsbasis voor verdere ruimteverkenning, bijvoorbeeld naar Mars. Beide landen investeren dan ook fors in hun ruimtevaartprogramma’s.
Europa en andere landen volgen de ontwikkelingen op de voet. De Europese Ruimtevaartorganisatie ESA werkt samen met NASA in het kader van het Artemis-programma, dat als doel heeft mensen duurzaam op en rond de maan te laten opereren. Of de internationale gemeenschap erin zal slagen om heldere afspraken te maken over het gebruik van de maan, blijft vooralsnog een open vraag. Duidelijk is dat de maan opnieuw het middelpunt is geworden van een nieuwe, moderne ruimterace.




