De Europese uitwisselingsstudent is in Amerikaanse tienerkomedie vaak het mikpunt van goedkope grappen. In de nieuwe film ‘I’ll Be Gone in June’ draait regisseur Katharina Rivilis dat perspectief volledig om. De jonge Duitse filmmaakster geeft in haar veelbelovende debuut juist de buitenlandse tiener de hoofdrol, en het resultaat is een gevoelige en zintuiglijk rijke coming-of-age film die opvalt door haar intelligentie en authenticiteit.
Het verhaal volgt een 16-jarig meisje uit een klein Duits stadje dat als uitwisselingsstudente in de Verenigde Staten terechtkomt. De film verkent hoe zij omgaat met de botsing tussen haar Europese achtergrond en de Amerikaanse cultuur om haar heen. Rivilis slaagt erin om dit culturele contrast niet als bron van humor te gebruiken, maar als vertrekpunt voor een diepgaand portret van een jong meisje dat zichzelf probeert te vinden in een vreemde omgeving.
Wat de film bijzonder maakt, is de manier waarop Rivilis de zintuiglijke beleving van haar hoofdpersonage naar de voorgrond brengt. De kijker ervaart de Amerikaanse wereld door de ogen en gevoelens van het meisje: de geuren, de geluiden, de sociale codes die net even anders zijn dan wat ze gewend is. Die aanpak maakt de film intiem en herkenbaar, ook voor wie zelf nooit als uitwisselingsstudent in het buitenland heeft gewoond.
Rivilis toont met dit debuut dat ze een scherp oog heeft voor menselijke verhoudingen en de complexiteit van de tienerjaren. De film vermijdt de clichés die het genre vaak teisteren en kiest in plaats daarvan voor nuance en eerlijkheid. Het perspectief verschuift gedurende de film, waardoor de kijker een gelaagd beeld krijgt van de situatie en de mensen om de hoofdpersoon heen.
‘I’ll Be Gone in June’ is een frisse en rijpe bijdrage aan het coming-of-age genre, en bevestigt dat Katharina Rivilis een naam is om in de gaten te houden binnen het internationale filmlandschap.







