ORANJESTAD — De MEP-fractie heeft de regering schriftelijk opgeroepen om na het vonnis in de zogenoemde Avestruz-zaak onmiddellijk stappen te zetten om verdwenen overheidsgeld en terreinen terug te vorderen.
Aanleiding voor de brief is de recente uitspraak in de zaak, die door MEP wordt omschreven als de grootste corruptiezaak in de geschiedenis van Aruba. Volgens de partij heeft de zaak geleid tot zware gevangenisstraffen, samen goed voor elf jaar.
MEP stelt dat het nu aan de regering is om op basis van het vonnis verdere actie te ondernemen. Daarbij wijst de fractie erop dat het gaat om middelen en gronden die eigendom zijn van het Arubaanse volk. Volgens de partij raakt de kwestie daarom niet alleen de integriteit van het bestuur, maar ook de financiële verantwoordelijkheid van de overheid.
In de brief vraagt MEP de regering om twee concrete stappen te zetten. In de eerste plaats wil de fractie een volledige inventarisatie van de financiële schade die volgens haar is veroorzaakt door Benny Sevinger en zijn groep. Daarnaast vraagt MEP om duidelijk te maken welke maatregelen zullen worden genomen om de geleden schade, de geldbedragen en de betrokken terreinen te recupereren.
Volgens de oppositiepartij is terugvordering noodzakelijk om het vertrouwen in de overheid te herstellen en te laten zien dat publiek geld zorgvuldig wordt beheerd. MEP benadrukt dat de zaak met het vonnis juridisch is afgerond, maar dat de bestuurlijke en financiële afhandeling nu moet volgen.




