Amerikaanse gezondheidsautoriteiten beschikken over minder bevoegdheden om de bevolking te beschermen tegen ziekteuitbraken dan tijdens de coronapandemie. Dat komt doordat diverse staten en gemeenten hun publieke gezondheidswetgeving hebben aangepast als reactie op de maatschappelijke weerstand tegen coronamaatregelen zoals lockdowns, schoolsluitingen, mondkapjesplicht en vaccinatieverplichtingen.
Dit speelt op een moment dat Amerikanen zich zorgen maken over dreigingen zoals het hantavirus en ebola. Volgens Lawrence Gostin, hoogleraar volksgezondheidsrecht aan Georgetown University, is er sprake van een enorme maatschappelijke terugslag na de coronapandemie, vooral in conservatieve staten. ‘Het is onderdeel geworden van een breder verhaal over een overheid die haar boekje te buiten gaat,’ aldus Gostin.
De federale gezondheidsdienst CDC heeft ondertussen ook klappen gekregen: de Trump-regering heeft bezuinigd op het budget, het personeelsbestand ingekrompen en de politieke controle over de organisatie aangescherpt.
Maar de meeste bevoegdheden op het gebied van volksgezondheid liggen bij de afzonderlijke staten. Meer dan de helft van alle staten heeft wijzigingen doorgevoerd in hun eigen wetgeving, zo blijkt uit onderzoek van het Network for Public Health Law. Deze aanpassingen raken het vermogen van autoriteiten om adequaat te reageren op gezondheidsnoodstanden. In veel gevallen zijn die bevoegdheden aanzienlijk beperkt.
‘Als je alles bij elkaar optelt, staan we er na corona veel slechter voor als het gaat om het aanpakken van een gezondheidscrisis,’ stelt Gostin.
In minstens elf staten, waaronder Alabama, Virginia en Louisiana, zijn nieuwe beperkingen ingevoerd voor het uitroepen van een volksgezondheidscrisis. Zulke noodverklaringen zijn essentieel om snel te kunnen handelen: ze maken het mogelijk om extra middelen in te zetten en bureaucratische obstakels te omzeilen.
Daarnaast hebben wetgevers in meerdere staten zichzelf meer zeggenschap gegeven over beslissingen die voorheen bij gezondheidsautoriteiten lagen. Zo moeten ambtenaren in sommige staten nu eerst toestemming vragen aan het parlement voordat ze bepaalde maatregelen mogen nemen. In andere gevallen heeft de wetgevende macht het recht gekregen om noodmaatregelen terug te draaien.
Dr. Georges Benjamin, directeur van de American Public Health Association, maakt zich ernstig zorgen over de gevolgen. ‘Er zijn situaties waarbij gezondheidsautoriteiten nu eerst naar de wetgever moeten stappen om iets te mogen doen, of waarbij de wetgever hun beslissingen kan terugdraaien. Ik vrees dat veel volksgezondheidsmedewerkers met de handen op de rug worden gebonden,’ zegt hij.
Experts waarschuwen dat deze verschuiving in bevoegdheden gevaarlijke gevolgen kan hebben bij een volgende uitbraak. Snelle besluitvorming is bij infectieziekten vaak cruciaal, en extra politieke stappen in dat proces kunnen levens kosten. De vraag is of de lessen van de coronapandemie geleid hebben tot betere voorbereiding, of juist tot een verzwakt systeem dat minder goed bestand is tegen toekomstige bedreigingen.





