Het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden heeft dinsdag een omstreden wetsvoorstel aangenomen waarmee de immigratiediensten ICE en Border Patrol voor de rest van Trumps ambtstermijn worden gefinancierd. In totaal gaat het om ongeveer 70 miljard dollar voor het ministerie van Binnenlandse Veiligheid. Het voorstel werd met een krappe meerderheid aangenomen: 214 stemmen voor en 212 tegen.
Het is de tweede keer in minder dan een jaar dat Republikeinen een dergelijk miljardenpakket voor immigratiehandhaving doordrukken, ditmaal zonder steun van de Democraten. De stemming maakt een einde aan een politieke patstelling die al 115 dagen aansleepte.
De impasse ontstond nadat federale agenten eerder dit jaar twee demonstranten doodschoten in Minneapolis. Als reactie daarop weigerden Democraten in te stemmen met extra financiering voor ICE en Border Patrol, tenzij er hervormingen zouden komen in de werkwijze van de diensten. Toen de onderhandelingen vastliepen, kozen Republikeinen voor een parlementaire omweg via een speciale begrotingsprocedure, het zogenaamde ‘reconciliation’-proces, waarmee zij de financiering konden doorvoeren zonder concessies te doen aan de Democraten.
Vorige week stemde de Senaat al in met het pakket, waarbij slechts één Republikein samen met alle Democraten probeerde het voorstel te blokkeren, tevergeefs.
Democraten waarschuwen dat het Congres hiermee zijn controlerende rol grotendeels opgeeft. Door miljarden beschikbaar te stellen met nauwelijks voorwaarden, zou het parlement zijn toezicht op de uitvoerende macht feitelijk hebben opgegeven.
De verdeling van het geld is als volgt: ICE ontvangt 38 miljard dollar, meer dan drie keer het jaarlijkse budget van de dienst. Dit geld is bestemd voor het aannemen, opleiden en uitrusten van agenten, juridische ondersteuning, samenwerking met lokale opsporingsdiensten en technologie zoals bodycamera’s. Daarnaast gaat 22 miljard dollar naar Border Patrol voor werving, training en uitrusting van personeel. Tot slot is er 5 miljard dollar gereserveerd voor grensbeveiligingstechnologie en screening.
Opvallend is dat de middelen niet gebonden zijn aan één begrotingsjaar. Het geld hoeft pas vóór het einde van het fiscale jaar 2029 te worden besteed, wat de diensten een grote mate van vrijheid geeft in de inzet ervan. Critici stellen dat dit gebrek aan voorwaarden de democratische controle verder ondermijnt.
Republikeinen zien het pakket juist als een noodzakelijke investering om Trumps strenge immigratiebeleid kracht bij te zetten. De aangenomen wet benadrukt opnieuw de diepe verdeeldheid in Washington over het immigratievraagstuk, een thema dat ook de komende jaren politiek beladen zal blijven.






