In Ghana zijn in minder dan zestien maanden tijd veertien mensen gearresteerd vanwege het verspreiden van valse informatie of beledigende uitlatingen. Dat is bijna twee keer zoveel als tijdens de volledige achtjarige regeerperiode van de vorige regering, zo blijkt uit cijfers van de Media Foundation for West Africa (MFWA). De toename heeft een stevig debat aangewakkerd in een van de meest stabiele democratieën van West-Afrika. De centrale vraag: handhaaft de overheid simpelweg bestaande wetten in een nieuw digitaal tijdperk, of beweegt Ghana zich richting een strenger beleid ten aanzien van vrije meningsuiting?
De discussie krijgt extra politieke lading doordat president John Mahama, toen hij nog in de oppositie zat in 2022, waarschuwde dat het inzetten van staatsmacht om andersdenkenden te intimideren een gevaarlijk precedent voor de democratie zou zijn.
De regeringspartij wijst de beschuldigingen van een gerichte aanpak van de hand. Een hoge partijfunctionaris stelde tegenover Al Jazeera dat de oppositie bewust mensen inzet om de president te beledigen, en dat er van vervolging geen sprake is wanneer de wet zijn loop neemt. Als voorbeeld noemde hij de zaak van TikTokker Prince Ofori, beter bekend als ‘Fante Comedy’, die vorig jaar augustus werd gearresteerd vanwege vermeende bedreigingen aan het adres van president Mahama. Kort na zijn vrijlating dook Ofori op bij een oppositiebijeenkomst, wat de functionaris aangreep als bewijs dat dergelijke zaken snel worden gepolitiseerd.
De oppositie ziet de ontwikkelingen met grote zorg. Minderheidleider Alexander Afenyo-Markin is een van de meest uitgesproken critici. Hij stelt dat burgers arresteren vanwege uitspraken die geen echte bedreiging vormen, geen rechtvaardigheid is maar pure intimidatie. Hoewel hij erkent dat vrijheid van meningsuiting grenzen kent, waarschuwt hij dat de staat die grenzen steeds vaker overschrijdt. Volgens hem dreigt het overmatig gebruik van staatsmacht de democratische verworvenheden van Ghana teniet te doen.
In het hart van de discussie staan bepalingen uit het Ghanese Wetboek van Strafrecht en de Electronic Communications Act. Autoriteiten stellen dat deze wetten nu worden toegepast op een snel veranderende digitale omgeving, waarin berichten razendsnel worden verspreid en schade kunnen aanrichten. Critici vrezen echter dat dezelfde wetgeving wordt misbruikt om politieke tegenstanders en journalisten het zwijgen op te leggen.
Ghana geldt van oudsher als een voorbeeld van persvrijheid en democratische stabiliteit in de regio. De recente arrestaties roepen dan ook bredere vragen op over de richting die het land inslaat. Mensenrechtenorganisaties en journalistenvakbonden volgen de situatie nauwlettend en roepen de autoriteiten op terughoudendheid te betrachten bij het inzetten van strafrechtelijke middelen tegen vrije meningsuiting.





