ORANJESTAD — MEP-parlementariër Endy Croes heeft in een verklaring fel uitgehaald naar vicevoorzitter van het parlement Muzaninn Wever. Aanleiding is de gang van zaken rond de behandeling van een wetsvoorstel over de suppletoire begroting, dat volgens Croes op onzorgvuldige wijze en met te grote haast op de agenda werd geplaatst.
Volgens Croes kent elk wetsvoorstel dat bij het parlement wordt ingediend een vaste procedure. Eerst wordt het voorstel administratief geregistreerd en vervolgens doorgestuurd naar alle 21 Statenleden. Daarna wordt een vergadering van de Centrale Commissie belegd, waarin de fracties afspraken maken over onder meer de termijn waarbinnen schriftelijke vragen kunnen worden ingediend. Die termijn bedraagt volgens Croes doorgaans twee tot maximaal drie weken.
De MEP’er stelt dat het betrokken wetsvoorstel dinsdag om 14.16 uur werd ingeboekt en om 14.21 uur naar de Statenleden werd gemaild. Nadat parlementsvoorzitter Marlon Sneek die middag naar Panama was vertrokken voor een Parlatino-bijeenkomst, nam vicevoorzitter Wever zijn taken waar. Volgens Croes werd vervolgens al om 14.33 uur een vergadering van de Centrale Commissie uitgeschreven voor 15.30 uur diezelfde middag.
Croes noemt die handelwijze ongebruikelijk en onnodig haastig. Volgens hem had de vergadering ook de volgende dag kunnen plaatsvinden, zodat alle parlementariërs voldoende op de hoogte hadden kunnen zijn en aanwezig konden zijn. Hij suggereert dat de oppositie met deze korte oproeping verrast moest worden.
Ondanks andere verplichtingen kon de MEP-fractie volgens Croes alsnog op tijd aanwezig zijn bij de vergadering. Daar zou zijn gebleken dat werd aangestuurd op een zogeheten ‘blanco verslag’, waarbij geen vragen vanuit het parlement zouden worden gesteld. Croes zegt dat zijn fractie daartegen bezwaar heeft gemaakt.
Uiteindelijk is volgens de MEP-parlementariër afgesproken dat Statenleden zeven dagen de tijd krijgen om het 38 pagina’s tellende document te bestuderen en eventuele vragen in te dienen. Croes stelt dat daarmee is voorkomen dat het voorstel zonder voldoende parlementaire controle zou worden afgehandeld.
In zijn verklaring sluit Croes af met scherpe woorden aan het adres van Wever. Hij vindt dat parlementariërs hun controlerende taak serieus moeten nemen en verwijt de vicevoorzitter dat niet te hebben gedaan.




