ORANJESTAD — MEP-parlementariër Edgard Vrolijk heeft in een verklaring scherpe kritiek geuit op het huidige kabinet. Volgens hem zijn de beloften van de regering om de prijzen te verlagen en de levenskwaliteit van de bevolking te verbeteren, niet omgezet in concrete resultaten.
Vrolijk verwijst naar uitspraken van minister Geoffrey Wever en minister Gerlien Croes, die volgens hem tijdens de verkiezingscampagne en bij de start van de regeerperiode aankondigden dat binnen honderd dagen onder meer de prijzen van benzine en diesel zouden dalen, evenals de inkomsten- en loonbelasting. Ook zouden supermarktprijzen aanzienlijk omlaag gaan, aldus de parlementariër.
Volgens Vrolijk is van die beloften weinig terechtgekomen. Hij stelt dat de prijzen van benzine en diesel inmiddels hoger liggen en dat ook het openbaar vervoer en het transport van levensmiddelen geen prijsverlaging hebben gekend. Daardoor is er volgens hem geen sprake van een verbetering van de koopkracht.
Ook de ontwikkeling van de prijzen in de supermarkt noemt Vrolijk teleurstellend. Hij wijst erop dat de kosten van de basisboodschappen volgens hem sterk zijn gestegen, met name voor producten als kip en vlees. De parlementariër zegt dat rapporten en signalen uit de samenleving volgens hem wijzen op een duidelijke stijging van de kosten van levensonderhoud.
Tegelijkertijd benadrukt Vrolijk dat eerdere maatregelen van het kabinet-Wever-Croes II volgens hem wel verlichting hebben gebracht. Hij noemt daarbij de verlaging van inkomsten- en loonbelasting, de verhoging van de belastingvrije voet, de indexering van 11,7 procent voor het overheidsapparaat en de verlaging van invoerrechten op voedingsmiddelen. Volgens hem hebben juist die maatregelen ervoor gezorgd dat de situatie voor de bevolking niet nog zwaarder is geworden.
Verder stelt de MEP-parlementariër dat er middelen beschikbaar waren om onder meer de reparatietoeslag voor ouderen te verhogen en om leraren de langverwachte salarisverhoging te geven. In zijn verklaring spreekt hij van een teleurstellende balans over de afgelopen zeven maanden en verwijt hij de regering vooral uitgaven te doen zonder tastbaar resultaat voor de bevolking.
Met zijn verklaring roept Vrolijk opnieuw de discussie op over de stijgende kosten van levensonderhoud op Aruba en de effectiviteit van het gevoerde prijsbeleid.




