Toy Story 5 is eindelijk in de bioscoop te zien, en de vraag die velen zich stelden was simpel: heeft deze franchise nog iets te zeggen? Het antwoord is verrassend volmondig ja — al is het resultaat niet zonder gebreken.
Het verhaal speelt zich opnieuw af in het huis van Bonnie, het meisje dat ooit de speelgoedcollectie van Andy erfde. Jessie, de geliefde cowgirl met stem van Joan Cusack, heeft inmiddels de leidersrol overgenomen. Maar de speelgoedvrienden worden geconfronteerd met een uitdaging die ze nog nooit eerder tegenkwamen: een tablet genaamd Lilypad, ingesproken door Greta Lee. Bonnie raakt al snel verslaafd aan het apparaat, zoals zoveel kinderen van haar generatie, en vergeet langzaam de magie van echt spelen.
Op het eerste gezicht lijkt dit een simpel verhaal over speelgoed dat het opneemt tegen technologie. Maar Pixar laat zich niet zo makkelijk in een hokje stoppen. Toy Story 5 is veel genuanceerder dan de opzet doet vermoeden. De film onderzoekt wat menselijk contact betekent in een tijdperk waarin schermen steeds meer de aandacht opeisen — en doet dat met de diepgang die de reeks groot heeft gemaakt.
Bonnie is geen slecht kind. Ze is creatief en gevoelig, net als Andy vroeger. Maar in haar klas wordt ze buitengesloten omdat ze nog met speelgoed speelt. De meisjes in haar dansles vinden haar ‘raar’, en als enige zonder tablet dreigt ze sociaal achterop te raken. De Lilypad vult al snel de leegte op die haar speelgoed achterlaat — en de film laat zien hoe snel en ongemerkt dat kan gebeuren.
Wat de film bijzonder maakt, is dat hij technologie niet als de grote boeman neerzet. De Lilypad is geen monster, en Bonnies ouders worden niet veroordeeld voor de aanschaf ervan. De film erkent dat technologie een onvermijdelijk onderdeel is geworden van het moderne leven. Toch toont hij ook hoe verslavend en vervreemdend schermgebruik kan zijn — niet alleen voor de speelgoedvrienden die in de kast staan te wachten, maar ook voor Bonnie zelf, die met glazige ogen wakker wordt en meteen naar haar tablet grijpt.
De film groeit mee met zijn publiek. Wie opgroeide met de eerste Toy Story in 1995 is nu zelf ouder en herkent de zorgen over kinderen die te vroeg opgroeien en de verbinding met verbeelding verliezen. Dat maakt Toy Story 5 tot meer dan een animatiefilm voor kinderen — het is een spiegel die de hele samenleving wordt voorgehouden.
Toch is de film niet perfect. Sommige verhaalelementen voelen oneven aan, en niet alle nieuwe personages weten even goed te overtuigen. Maar de emotionele kern klopt, de animatie is adembenemend mooi, en de boodschap is tijdloos: spelen, verbinding en verbeelding zijn geen kinderachtige zaken — ze zijn essentieel.
Toy Story 5 had misschien niet gehoeven, maar nu hij er is, is hij moeilijk te negeren.






