ORANJESTAD – MEP-fractieleider Evelyn Wever-Croes heeft in de conferentieruimte van ATIA de adviezen van de Raad van Advies van Aruba en de Raad van State van het Koninkrijk toegelicht aan vertegenwoordigers van sociale en commerciële organisaties. De bijeenkomst stond in het teken van de voorgestelde Rijkswet HOFA en de Landsverordening Waarborging Houdbare Overheidsfinanciën (LWHO).
Volgens Wever-Croes is financieel toezicht noodzakelijk, maar is de kernvraag waarom daarvoor een rijkswet nodig is, terwijl Aruba al beschikt over een lokale wet, de LAft, die volgens haar in de praktijk werkt. Zij stelde dat beide adviesorganen de bezwaren van de MEP-fractie op belangrijke punten ondersteunen.
De Raad van Advies wees er volgens de presentatie op dat de procedure onregelmatig was, omdat eerst met Nederland overeenstemming over de wet zou zijn bereikt en pas daarna advies werd gevraagd. Daarnaast zou artikel 38 van HOFA in strijd zijn met de Arubaanse Grondwet. De Raad van Advies concludeerde dat de wet alleen kan worden goedgekeurd als dat artikel wordt geschrapt.
De Raad van State van het Koninkrijk erkent volgens MEP dat het doel van financieel toezicht legitiem is, maar plaatst kanttekeningen bij essentiële onderdelen van het voorstel. Zo zou Aruba niet zelfstandig uit het toezicht kunnen treden, omdat die beslissing bij de Rijksministerraad ligt. Ook zou onduidelijk zijn welk deel Nederland precies zal herfinancieren en hoe publiek-private schulden in de schuldquote moeten worden verwerkt.
Wever-Croes stelde verder dat Aruba onder de bestaande LAft al structureel aan begrotingsnormen voldoet. Volgens de door haar gepresenteerde cijfers is de schuldquote eind maart 2026 gedaald naar 61 procent, het laagste niveau sinds 2011, met een prognose van 48 procent in 2028. Zij benadrukte dat de kredietwaardigheid van Aruba volgens haar is gebaseerd op die resultaten en het opgebouwde financiële trackrecord, en niet op een toekomstige rijkswet.
Volgens MEP levert aanvaarding van de Rijkswet HOFA weliswaar een lagere rente op de Covid-lening op, goed voor een besparing van ongeveer 300 miljoen florin over twintig jaar, maar zou dat voordeel gepaard gaan met de verplichting om het geld onder strikte voorwaarden in een investeringsfonds te storten. Volgens Wever-Croes beperkt dat de ruimte voor urgente projecten.
Ook stelde zij dat HOFA geen instrument tegen corruptie is, maar een begrotingswet. Voor integriteitskwesties beschikt Aruba volgens haar al over instellingen als de Algemene Rekenkamer, het Openbaar Ministerie, de Landsrecherche, Bureau Integriteit Aruba en de Ombudsman.
MEP concludeerde na de bijeenkomst dat het proces rond HOFA nog niet is afgerond. De partij pleit ervoor dat de regeringen eerst de aanbevolen wijzigingen uitwerken en opnieuw met Nederland in overleg treden. Als alternatief noemt MEP een versterkte landsverordening of een onderlinge regeling, zodat effectief financieel toezicht mogelijk blijft zonder dat de laatste zeggenschap over de Arubaanse financiën buiten Aruba komt te liggen.
De fractie bedankte de aanwezige vertegenwoordigers van de vakbonden en commerciële organisaties voor hun deelname. Wever-Croes sloot af met de stelling dat Aruba volgens haar al heeft bewezen dat financiële discipline mogelijk is onder de eigen wetgeving.






