ORANJESTAD – In het jaar waarin Aruba stilstaat bij 50 jaar Himno y Bandera en 40 jaar Status Aparte, zet MEP-fractieleider Dangui Oduber vraagtekens bij de voorgenomen invoering van de Rijkswet HOFA. Volgens hem heeft Aruba met offers van de bevolking en verantwoord financieel beleid al aangetoond aan de voorwaarden te kunnen voldoen.
Oduber verwijst naar een recent CAft-rapport, waaruit volgens hem blijkt dat de Arubaanse staatsschuld in 2028 zal dalen naar 47 procent. Nederland hanteert als voorwaarde dat de schuld onder de 50 procent moet liggen om te kunnen spreken van een financieel gezond land. “Aruba heeft die doelstelling al in zicht”, stelt hij.
Tegen die achtergrond begrijpt Oduber niet waarom de regering van AVP en Futuro bereid zou zijn de Rijkswet HOFA te ondertekenen. Volgens hem ontbreekt de rechtvaardiging voor een regeling waarbij Den Haag invloed krijgt op de besteding van belastinggeld, terwijl Aruba volgens de vastgestelde normen presteert.
De politicus waarschuwt dat met de Rijkswet HOFA ook de rol van het Arubaanse parlement onder druk komt te staan. Hij stelt dat de uiteindelijke goedkeuring van de begroting dan niet langer uitsluitend op Aruba ligt, maar mede in Nederland komt te liggen. Volgens Oduber raakt dit niet alleen zijn partij, maar alle Arubanen die waarde hechten aan zelfbestuur.
Oduber richt in dat verband kritiek op de ministers Gerlien Croes en Geoffrey Wever. Hij wijst erop dat Aruba zijn schulden afbetaalt, aan de normen voldoet en economische groei laat zien. Daarom vraagt hij zich af waarom het land zou instemmen met een wet die de financiële autonomie beperkt.
Volgens de MEP-voorman is vrijheid een wezenlijk onderdeel van de Arubaanse ontwikkeling sinds de Status Aparte. In plaats van bevoegdheden uit handen te geven, moet Aruba volgens hem juist vasthouden aan het recht om de eigen toekomst te blijven bepalen.




