ORANJESTAD — MEP-parlementariër Hendrik Tevreden heeft zich in scherpe bewoordingen uitgesproken tegen de invoering van de Rijkswet Financieel Toezicht (HOFA). In een verklaring stelt hij dat Aruba sinds 2015 al financieel toezicht kent via de Landsverordening Aruba financieel toezicht (LAft), die destijds tot stand kwam op basis van afspraken tussen de regeringen van Aruba en Nederland en vervolgens door het Arubaanse parlement is aangenomen.
Volgens Tevreden bevat die landsverordening al de financiële afspraken en normen tussen Aruba en Nederland. Dat Nederlandse politici het bestaande systeem nu willen omzetten in een rijkswet, noemt hij onnodig en te verstrekkend. Hij wijst erop dat een rijkswet normaal gesproken wordt gebruikt voor Koninkrijksaangelegenheden, zoals nationaliteit en paspoorten, en niet voor de interne financiën van Aruba.
De MEP-parlementariër stelt dat het gebruik van een rijkswet voor financieel beheer neerkomt op een onjuist gebruik van het staatsrechtelijk instrument. Daarnaast betoogt hij dat zo’n wet volgens hem democratische legitimiteit op Aruba ontbeert, omdat vooral Nederlandse volksvertegenwoordigers en ministers daarover beslissen, terwijl Arubaanse kiezers hen niet hebben gekozen.
Tevreden vindt dat de discussie niet alleen moet gaan over wie de maatregel heeft ondertekend of doorgelaten, maar vooral over de vraag waarom Nederland meer zeggenschap wil over de Arubaanse overheidsfinanciën. Volgens hem ontbreekt daarvoor een logische grondslag.
Hij voert aan dat Aruba volgens recente cijfers juist economisch beter presteert. In zijn verklaring wijst hij op drie opeenvolgende begrotingen met een overschot, een werkloosheidspercentage van 4,3 procent en een dalende staatsschuld, die volgens planning binnen drie jaar tot 70 procent moet zijn teruggebracht.
Op basis daarvan stelt Tevreden dat er geen sprake is van een situatie die een zwaardere vorm van toezicht rechtvaardigt, zoals bij een faillissement, een problematische schuldpositie uitsluitend tegenover Nederland of een economische crisis zonder uitzicht op herstel.
Volgens Tevreden zou HOFA het democratisch recht van Aruba aantasten. Hij waarschuwt dat Den Haag via zo’n regeling directe invloed krijgt op de Arubaanse begroting en dat dit ten koste gaat van de autonomie van het land. In zijn visie is HOFA geen vorm van nieuw toezicht, omdat er volgens hem al toezicht bestaat, maar een overdracht van eigen bevoegdheden in ruil voor gunstige rentevoorwaarden.
Tevreden vat zijn standpunt samen met de boodschap dat een Arubaan ‘nee’ moet zeggen tegen HOFA, ook als daar financiële voordelen tegenover staan.




