ORANJESTAD — MEP-parlementariër Edgard Vrolijk stelt dat de Consumer Confidence Survey Report 2025-I van de Centrale Bank van Aruba (CBA) bevestigt dat de zorgen onder de bevolking over inflatie en koopkracht toenemen. In een schriftelijke reactie zegt hij dat de uitkomsten van het onderzoek aansluiten bij eerdere kritiek van de oppositie op het beleid van het kabinet AVP/Futuro en minister Geoffrey Wever.
Volgens Vrolijk laat de enquête zien dat veel burgers de economische situatie negatiever beoordelen dan voorheen. Hij wijst erop dat 94 procent van de ondervraagden aangeeft dat prijzen de afgelopen maanden sterk zijn gestegen en verwacht dat die ontwikkeling zich de komende zes maanden zal voortzetten. Daarnaast zegt 83 procent dat het inkomen minder ver reikt voor dagelijkse aankopen dan in december 2024.
Ook de bredere economische verwachtingen stemmen volgens de enquête tot zorg. Zo verwacht 49 procent van de ondervraagden dat de financiële situatie van het land de komende maanden zal verslechteren, tegenover 27 procent een jaar eerder. Verder geeft 44 procent van de gezinnen aan dat de eigen financiële situatie verder onder druk komt te staan door de gestegen kosten van levensonderhoud, waar dat in 2024 nog 26 procent was. Ook meldt 36 procent minder te sparen, terwijl 20 procent aangeeft helemaal niet meer te kunnen sparen.
Vrolijk concludeert op basis van deze cijfers dat de regering onvoldoende aansluiting heeft met wat er leeft onder de bevolking. Hij verwijst daarbij naar eerdere uitspraken van minister Wever, die volgens hem had gesteld dat prijzen stabiel waren gebleven of zelfs waren gedaald. De CBA-cijfers laten volgens de MEP’er juist een tegenovergesteld beeld zien.
In zijn verklaring haalt Vrolijk ook de verkiezingsbeloften van AVP en Futuro aan over prijsverlagingen en verlichting van de kosten voor huishoudens. Volgens hem ontbreekt het de regering nog steeds aan een concreet plan om de stijgende prijzen aan te pakken en de koopkracht te beschermen. Daarbij uit hij tevens kritiek op overheidsuitgaven en op het uitblijven van maatregelen die volgens hem werknemers met lage inkomens zouden moeten ondersteunen.
De verklaring van Vrolijk is een politieke reactie op de uitkomsten van het CBA-onderzoek. Een inhoudelijke reactie van minister Geoffrey Wever op de aantijgingen in het MEP-communiqué was bij het uitgaan van dit bericht niet meegedeeld.




