Home Voor Pagina San Nicolas en Politieke Blackfacing: Over de Illusie van Vertegenwoordiging en...

San Nicolas en Politieke Blackfacing: Over de Illusie van Vertegenwoordiging en de Realiteit van Gebrek aan Bestuurlijke Doorwerking

0

Door: Suzette Dumfries

Elke verkiezing keert hetzelfde patroon terug.

San Nicolas wordt niet alleen genoemd. San Nicolas wordt politiek opgevoerd.

Partijen presenteren hun “San Nicolas-kandidaten”. De boodschap aan de kiezer is impliciet maar krachtig: deze mensen komen uit uw gemeenschap, dus zij begrijpen u. Zij kennen uw pijn, dus zij zullen u verdedigen. Zij dragen uw identiteit, dus zij zullen u prioriteren.

Politiek probeert via San Nicolas-kandidaten herkenning te creëren, vertrouwen te winnen en de indruk te wekken dat San Nicolas binnen de partij en later in het parlement vertegenwoordigd is.

Dat is precies de illusie.

De AVP-flyer uit de verkiezingen van 2024 maakte dat mechanisme zichtbaar: Chris James, Otami Thomasia, Cornelia Aventurin-Connor, Terrance Ras en Mike de Meza werden niet alleen als kandidaten gepresenteerd, maar als “San Nicolas Candidates”.

MEP deed iets vergelijkbaars in 2024 met Erwin “Wino” Lopez, die werd aangekondigd als kandidaat die het volk van San Nicolas zou vertegenwoordigen.

PPA bracht via Rudy Richardson San Nicolas naar voren als centraal in Aruba’s macro-economische ontwikkeling.

FUTURO deed het ook: “Vota San Nicolas. Vota Rondel Heyliger.”

Dat is geen gewone campagnezin. Dat is politieke codering.

En hierin zit de staatsrechtelijke hypocrisie: Aruba kent geen districtszetels. Een Statenlid vertegenwoordigt formeel Aruba als geheel, niet San Nicolas Noord of San Nicolas Zuid afzonderlijk. Juist daarom is het opvallend dat partijen wél spreken over “San Nicolas-kandidaten”.

Waarom wordt San Nicolas apart gemaakt in campagnetijd, maar weer algemeen gemaakt zodra beleid, budget en uitvoering aan de orde komen? Als San Nicolas werkelijk een nationaal ontwikkelingsvraagstuk is, dan is het de verantwoordelijkheid van iedere partij, iedere minister en ieder Statenlid. Ook iemand uit Noord, Dakota, Santa Cruz of Oranjestad. Of niet?

San Nicolas wordt dus apart gemaakt wanneer haar identiteit politiek bruikbaar is, maar algemeen gemaakt wanneer structurele verantwoordelijkheid moet worden genomen.

Dat heet Politieke Blackfacing. Niet als verwijzing naar huidskleur. Niet als persoonlijke aanval op één kandidaat of partij. Maar als politieke praktijk: San Nicolas-identiteit gebruiken als bewijs van nabijheid tot de stad en haar pijn, zonder dat die nabijheid wordt omgezet in beleid, budget, prioriteit of structurele ontwikkeling.

Wie als San Nicolas-gezicht wordt opgevoerd- door een partij, door een campagne, door publieke beeldvorming of door eigen positionering- wordt onderdeel van dit patroon.

San Nicolas levert al decennialang gezichten, terwijl de stad zelf te weinig terugziet in beleid, budget, eigenaarschap en structurele verandering: Mike de Meza. Alan Howell. Chris James. Lorna Varlack. Jacqueline Woodley. Otami Thomasia. Alvin Molina. Carmelita Haynes. Cornelia Aventurin-Connor. Terrance Ras. Rondel Heyliger. Ruthlyn Lindor. Clifford Heyliger. Rudy Richardson. Erwin “Wino” Lopez. Anthony Gario. Marco Berlis. En zo, nog vele anderen.

Die lijst bewijst ook het volgende punt: San Nicolas heeft nooit gebrek gehad aan kandidaten. Maar een reeks individuele kandidaten vormen samen nog geen macht. Afkomst is geen vertegenwoordiging. Herkenning is geen bestuurlijke doorwerking. En “San Nicolas-kandidaat” betekent niet automatisch San Nicolas-mandaat. Lokale herkenning, electorale draagkracht en bestuurlijk resultaat zijn drie totaal verschillende dingen.

Ook de benoeming van Rondel Heyliger als District Advisor past in dit patroon. Minister Geoffrey Wever heeft het patroon immers niet doorbroken. Hij heeft het bestuurlijk verfijnd.

Formeel heeft de District Advisor geen beslissingsbevoegdheden. Een adviseur is immers geen minister, geen directeur, geen ontwikkelingsautoriteit en geen gekozen districtsbestuurder. 

De scherpe vraag is daarom: welke bestuurlijke doorwerking heeft zo’n adviesrol werkelijk? Worden signalen uit San Nicolas vertaald naar beleid? Komt er daardoor een structurele begrotingslijn?

Als het antwoord nee is, dan is de rol misschien nuttig als brug naar de gemeenschap, maar niet transformerend voor de stad.

Daarnaast is er een veel dieper probleem: veel politieke gezichten weten San Nicolas wel te voelen, te benoemen en te fotograferen, maar niet werkelijk te diagnosticeren. Zij snappen de pijn, maar niet altijd de structuur achter die pijn.

En als je het probleem niet goed definieert, kun je het ook niet goed oplossen. San Nicolas is immers niet ingestort omdat er geen kerstboom stond. San Nicolas is niet verzwakt omdat er geen podium was in Carnival Village. San Nicolas is niet structureel achtergebleven omdat Carubbian verdween. En een Pop-Up Market is geen stadstransformatie.

San Nicolas levert dus gezichten. De politiek levert decor. Maar de stad krijgt geen transformatie.

Misschien is San Nicolas daarom niet simpelweg ondervertegenwoordigd. Misschien is San Nicolas verkeerd vertegenwoordigd: zichtbaar genoeg om stemmen te mobiliseren, maar niet strategisch genoeg georganiseerd om structurele verandering af te dwingen.

De “San Nicolas-kandidaat” is dan geen oplossing, maar vaak een politiek tussenproduct: genoeg San Nicolas om herkenning te creëren, maar niet genoeg institutioneel vermogen om San Nicolas werkelijk te veranderen.

San Nicolas heeft een systeemprobleem: verlies van economische basis na de sluiting van de raffinaderij, zwakke lokale eigendomsstructuren, leegstaand vastgoed, beperkte toegang tot kapitaal, stigma, gebroken nachteconomie, gebrek aan gebiedsregie en een nationale ontwikkelingslogica die San Nicolas decennialang niet centraal heeft geplaatst.

Dat los je niet op met decor. Dat los je op met diagnose.

En wanneer een stem niet terugkomt als diagnose, beleid, budget, eigenaarschap en structurele verandering, is vertegenwoordiging geen overwinning.

Dan wordt vertegenwoordiging decor. Niet de kandidaten zijn decor, maar de manier waarop hun identiteit politiek wordt ingezet zonder bestuurlijke doorwerking.

En dat decor heet Politieke Blackfacing.

Over de auteur

Suzette Dumfries is Nation Builder en strategisch adviseur op het snijvlak van institutionele ontwikkeling, economische weerbaarheid en maatschappelijke veerkracht. Zij adviseert overheden en publieke instellingen over het ontwerp en de versterking van instituties die autonomie, legitimiteit en langetermijnontwikkeling kunnen dragen.

Previous articleEPB San Nicolas viert afstuderen met 87% succes
Next articleProme Minister Eman ontmoet VWO-afgestudeerde Evie van der Sloot
Suzette Dumfries is Nation Builder en strategisch adviseur op het snijvlak van institutionele ontwikkeling, economische weerbaarheid en maatschappelijke veerkracht. Zij adviseert overheden en publieke instellingen over het ontwerp en de versterking van instituties die autonomie, legitimiteit en langetermijnontwikkeling kunnen dragen. Voorts is zij nauw betrokken bij de vraag hoe natie-opbouw binnen het Koninkrijk der Nederlanden vorm kan krijgen voorbij constitutionele status en symboliek. Suzette Dumfries werkt ook aan programma’s en analyses die maatschappelijke, economische en culturele infrastructuren met elkaar verbinden.

Mobiele versie afsluiten