
ORANJESTAD – In een ongekend vonnis heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba op 3 april 2025 geoordeeld dat voormalig minister Benny Sievinger een bedrag van Afl. 840.051,91 moet betalen aan het Land Aruba. De ontnemingsmaatregel volgt uit de strafzaak Avestrus, waarin de politicus werd veroordeeld voor een reeks ernstige ambtelijke misdrijven waaronder passieve omkoping, verduistering, misbruik van functie y medeplegen van oplichting.
Met deze uitspraak komt een belangrijk hoofdstuk ten einde in een van de meest omvangrijke en diepgravende corruptieonderzoeken in de geschiedenis van Aruba. Sievinger blijft ondertussen in cassatie bij de Hoge Raad, maar dat heeft het gerecht niet verhinderd om alvast de ontnemingsmaatregel uit te spreken.
Jarenlange financiële misstanden
Het strafdossier schetst een patroon van machtsmisbruik dat zich uitstrekte over minstens acht jaar. Volgens de ontnemingsrapportage van de Dienst Landsrecherche, gebaseerd op onderzoek over de periode 2009 tot 2017, leefden Sievinger en zijn echtgenote ver boven hun legale middelen.
Uit het financieel onderzoek bleek onder andere:
- Werkelijke contante uitgaven (inclusief bankstortingen): Afl. 1.631.665,78
- Legale contante inkomsten (inclusief opnames): Afl. 839.436,56
- Onverklaarbaar vermogen / voordeel: Afl. 765.331,97
- Daarnaast werd nog eens Afl. 74.719,94 vastgesteld aan direct voordeel uit concrete strafbare feiten via de transactiemethode.
De rechtbank baseerde zich op zowel kasopstellingen als transacties, inclusief reizen, verbouwingen, aankoop van aandelen, huur van een appartement in de VS voor zijn dochter, en betalingen aan bedrijven en aannemers die geen legale dekking hadden.
Giften in ruil voor politieke gunsten
Sievinger ontving gedurende zijn ministerschap diverse giften van lokale bedrijven, onder andere van:
- Fantastic Garden – Afl. 25.201,64
- L.A. Ornamental – Afl. 14.400,00
- Vectra Gym – Afl. 19.897,20
- Stichting FCB – Afl. 11.375,50 (verduisterd geld)
Daarnaast werd hij gelinkt aan extra voordelen zoals een geïmporteerde ijskast en het betalen van transport- en invoerkosten die door derden werden voldaan. In sommige gevallen was het onmiskenbaar dat deze giften direct verband hielden met zijn ambtsuitoefening en dus duidelijk omkoping betroffen.
Dure levensstijl: reizen, verbouwingen en buitenlandse investeringen
De rechtbank beschreef in detail hoe Sievinger en zijn vrouw tientallen reizen boekten via onder meer Avianca, Maduro Travel en Nautilus Travel – veelal betaald in contanten. Eén reisorganisatie ontving Afl. 65.695,78 aan contante betalingen. In totaal werd Afl. 70.913,78 uitgegeven aan reizen.
Daarnaast gaf Sievinger:
- Afl. 86.850,83 uit aan nutsvoorzieningen (WEB, ELMAR, SETAR)
- Afl. 455.247,02 aan woningverbouwingen en arbeidskosten
- Afl. 39.462,50 aan huur voor een appartement van zijn dochter in de VS
- Afl. 5.380,67 voor aankoop van een woning in Colombia via zijn vrouw
- Afl. 39.640,70 voor uitgaven via tussenpersoon Island’s Best
Een aanzienlijk deel van deze bedragen werd contant betaald, zonder duidelijke herkomst van de middelen.
Rechter verwerpt verdediging en legt maximale ontneming op
Hoewel Sievinger’s verdediging aanvoerde dat er geen sprake was van onverklaarbaar voordeel en dat hij deels afhankelijk was van leningen, bijverdiensten van zijn echtgenote, en oude opbrengsten uit vastgoed, verwierp het gerecht deze argumenten als onvoldoende onderbouwd en vaak tegenstrijdig.
Een verzoek om de procedure uit te stellen in afwachting van de uitspraak van de Hoge Raad werd eveneens afgewezen. Volgens het gerecht vereist de wet geen “onherroepelijke veroordeling” om een ontnemingsmaatregel op te leggen.
Het gerecht oordeelde dat Sievinger het volledige bedrag van Afl. 840.051,91 moet terugbetalen. Bij niet-betaling of onvermogen tot verhaal volgt vervangende hechtenis van 900 dagen.
Signaal aan de samenleving
Met deze uitspraak geeft het gerecht een krachtig signaal af: dat wie zich schuldig maakt aan corruptie in een publieke functie, niet wegkomt zonder verantwoording en financiële consequenties. De zaak onderstreept bovendien het belang van financieel toezicht, openbaarheid van bestuur, en een krachtig Openbaar Ministerie in de bestrijding van witteboordencriminaliteit op het eiland.
Of Sievinger nog aan zijn verplichtingen zal voldoen of daadwerkelijk in detentie zal belanden, hangt mede af van het vervolg van de cassatieprocedure. De uitkomst van dat beroep bij de Hoge Raad wordt later dit jaar verwacht.