WILLEMSTAD — De Sociaal-Economische Raad (SER) heeft maandag een advies aangeboden aan minister van Economische Ontwikkeling Roderick Middelhof over conceptregelgeving voor een importverbod op aangewezen verse groente-, fruit- en kruidensoorten. Het advies werd op 12 december vastgesteld tijdens een plenaire vergadering van de raad.
Volgens de SER moet de voorgestelde regeling uitvoering geven aan artikel 4 van de Landsverordening In- en Uitvoer. De maatregel past volgens de raad binnen een breder beleidstraject rond voedselzekerheid, prijsstabiliteit en versterking van de lokale landbouwsector.
De conceptregelgeving gaat uit van een importverbod in combinatie met een vergunningen- en ontheffingsstelsel. Welke producten onder het verbod vallen, kan bij ministeriële regeling worden vastgesteld en later worden aangepast. Daarnaast is in de voorstellen een informatie- en registratiesysteem opgenomen voor de uitvoering. Daarin is ook voorzien in de registratie van lokale producenten, de zogenoemde kunukero’s, om vergunningsaanvragen meer op basis van gegevens te kunnen beoordelen en de transparantie in de keten te vergroten.
Bij de voorbereiding van het advies heeft de SER naar eigen zeggen een brede toets uitgevoerd. Daarbij is gekeken naar de juridische houdbaarheid van de voorstellen, de sociaal-economische gevolgen, de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid, internationale inzichten en inbreng van betrokken partijen.
De juridische beoordeling richtte zich op het nationale rechtskader, waaronder de Landsverordening In- en Uitvoer, en op hogere normen en internationale handelsrechtelijke uitgangspunten. Daarnaast analyseerde de raad beschikbare gegevens en studies over de Curaçaose voedselketen, met aandacht voor importafhankelijkheid, prijsontwikkeling en de structurele kenmerken van de lokale landbouwsector.
Ook is gekeken naar de praktische werking van het vergunningenstelsel, het toezicht en de informatievoorziening. Volgens de SER zijn daarbij ook ervaringen uit vergelijkbare eilandcontexten en gesprekken met stakeholders meegenomen.
Met deze aanpak wil de raad een onderbouwd beeld geven van de verschillende aspecten die een rol spelen bij de beoordeling van de conceptregelgeving. In het advies zijn de gehanteerde toetsingskaders, data-analyses en overwegingen over uitvoering en handhaving nader uitgewerkt.




