ORANJESTAD — De fractie van MEP heeft een motie ingediend om wat zij noemt een onrechtvaardige situatie tussen directeuren van overheidsbedrijven weg te nemen. Aanleiding is een uitzondering op het salarisplafond voor topfunctionarissen bij overheidsentiteiten, die volgens de partij is gemaakt voor de nieuwe directeur van Aruba Airport Authority (AAA) op verzoek van Schiphol Group.
Aruba voerde in juni 2022 een maximumsalaris in van 329.000 florin voor directeuren van overheidsentiteiten. Dat plafond geldt voor elf directeuren. Volgens MEP heeft het kabinet-AVP/Futuro echter een uitzondering gepubliceerd die uitsluitend van toepassing is op een nieuwe directeur van AAA.
Minister Geoffrey Wever zou deze week tijdens een vergadering hebben meegedeeld dat de regering al sinds april 2025 een overeenkomst met Schiphol heeft gesloten, waarbij het salarisplafond van 329.000 florin niet van toepassing is. Volgens MEP is daarbij goedgekeurd dat de nieuwe directeur van AAA een salaris van 1,1 miljoen florin kan ontvangen.
De minister zou verder hebben aangegeven dat in september 2025, vijf maanden later, is vastgesteld dat ook andere directeuren met dezelfde kwestie te maken hebben. Daarom zou zijn verzocht om de wet voor de overige directeuren te herzien. Dat traject neemt volgens MEP echter tijd in beslag.
De partij noemt het opmerkelijk dat het officiële landsbesluit voor de uitzondering voor AAA en Schiphol in november al gereed zou zijn, terwijl nog onduidelijk is wanneer de situatie voor de andere directeuren en overheidsbedrijven wordt aangepast.
Volgens MEP is sprake van ongelijke behandeling, omdat de directeur van AAA nog niet is benoemd, terwijl de overige tien lokale directeuren al salaris hebben moeten inleveren. De partij stelt dat ook werknemers van die bedrijven gevolgen hebben ondervonden van de maatregel.
MEP benadrukt dat het volgens haar niet relevant is wie het hogere salaris betaalt. De fractie stelt dat extra middelen die naar salarissen gaan, niet beschikbaar zijn voor andere maatschappelijke doelen.
Met de ingediende motie wilde MEP de regering ertoe bewegen de uitzondering breder toe te passen. De fracties van AVP en Futuro stemden volgens MEP tegen het voorstel. De oppositiepartij zegt de kwestie verder op te pakken en in gesprek te zullen gaan met vertegenwoordigers van de staatsbedrijven.




