Volledige overwinning voor één partij lijkt minder waarschijnlijk; gedeeltelijke toewijzing met verplichte handhaving én ruimte voor aangewezen routes ligt juridisch meer voor de hand
ORANJESTAD — Wanneer Aruba Birdlife Conservation (ABC), het Land Aruba en de Aruba Conservation Foundation donderdag voor het Gerecht in Eerste Aanleg verschijnen, staat veel meer op het spel dan alleen de gesloten route tussen California Lighthouse en Alto Vista. De rechter krijgt te maken met natuurbescherming, het ROPV, openbare toegankelijkheid, jarenlang overheidsbeleid en de economische belangen van een sector die inmiddels rechtstreeks wordt geraakt door de afsluitingen. Een analyse van bestaande Arubaanse rechtspraak wijst erop dat een volledige overwinning voor één van beide kampen niet noodzakelijk het meest voor de hand liggende scenario is.
De juridisch meest waarschijnlijke uitkomst lijkt op basis van het openbaar beschikbare dossier een gedeeltelijke overwinning voor ABC, waarbij het Land en ACF worden gehouden aan daadwerkelijke naleving van de natuur- en ruimtelijke regels, zonder dat daarmee automatisch iedere openbare weg en ieder motorvoertuig uit alle betrokken natuurgebieden wordt geweerd.
Dat is nadrukkelijk een juridische analyse. De rechter is volledig vrij om anders te beslissen.
Eerst moet de rechter beslissen of de zaak doorgaat
Voordat de inhoud aan bod komt, ligt er nog een procedurele kwestie.
Het Land heeft het Gerecht gevraagd de behandeling opnieuw uit te stellen, zodat verder overleg met de UTV- en ATV-sector mogelijk blijft. ABC heeft daartegen bezwaar gemaakt. ACF heeft volgens de beschikbare correspondentie geen bezwaar tegen uitstel.
De eerste mogelijke beslissing is daarom al dat het Gerecht het verzoek om uitstel behandelt.
Wanneer de rechter vindt dat de overheid voldoende tijd heeft gehad om oplossingen uit te werken en dat ABC een voldoende spoedeisend belang heeft, kan hij besluiten de zaak donderdag gewoon inhoudelijk te behandelen.
Dat scenario is juridisch niet ondenkbaar. Het onderwerp is immers niet nieuw.
De overheid kondigde al in augustus 2024 officieel aan dat het gebruik van UTV’s en ATV’s moest worden gereguleerd en verminderd en dat aan alternatieve routes werd gewerkt.
Twee jaar later was dat proces nog altijd niet voltooid.
De rechter heeft een belangrijke uitspraak uit 2020 als achtergrond
Een van de meest relevante eerdere zaken is ECLI:NL:OGEAA:2020:322.
Toen stond de situatie vrijwel omgekeerd.
De Aruba Off-Road Foundation, die belangen van touroperators behartigde, stapte naar de rechter tegen Fundacion Parke Nacional Aruba en het Land Aruba. ABC voegde zich juist aan de zijde van FPNA en het Land.
De touroperators voerden onder meer aan dat ATV-tours al jarenlang bestonden, dat ondernemingen grote investeringen hadden gedaan en dat ongeveer 200 arbeidsplaatsen met de sector samenhingen. Zij vonden dat nieuwe beperkingen te plotseling werden ingevoerd.
Het Gerecht wees die bezwaren grotendeels af.
De rechter achtte voldoende aannemelijk dat off-roadverkeer, in het bijzonder ATV-verkeer, natuurwaarden kon aantasten. FPNA mocht daarom uit natuurbeschermingsoverwegingen beperkingen invoeren. Ook het argument dat bedrijven recent grote investeringen hadden gedaan, gaf volgens het Gerecht geen doorslaggevend recht om de bestaande activiteiten ongewijzigd voort te zetten.
Dat precedent versterkt ABC’s positie in de huidige zaak.
Maar diezelfde uitspraak bevat een belangrijke grens
De uitspraak uit 2020 geeft echter niet alleen steun aan natuurbescherming.
Het Gerecht maakte ook duidelijk dat binnen Parke Arikok openbare wegen een bijzondere juridische positie hebben.
Volgens het Landsbesluit Parke Nacional Arikok is het park in beginsel voor iedereen toegankelijk. De beheerder kan de toegankelijkheid via openbare wegen beperken, maar daarvoor gelden voorwaarden en dient onder meer overleg plaats te vinden met de directeur van DOW en de korpschef wanneer de algemene toegankelijkheid wordt beperkt.
Daar ligt mogelijk een cruciaal onderscheid voor donderdag.
Een rechter kan tot het oordeel komen dat ongecontroleerde commerciële UTV- of ATV-tours in beschermde gebieden niet mogen doorgaan wanneer daarvoor geen rechtsgeldige routes zijn aangewezen.
Maar daaruit volgt niet automatisch dat alle auto’s, pickups, Jeeps, vissers, inwoners en andere gebruikers van iedere openbare route moeten worden geweerd.
Dat zou juridisch een veel verdergaande maatregel zijn.
Geen officiële route: zwakke plek voor het Land
De moeilijkste vraag voor de regering kan donderdag bijzonder eenvoudig klinken:
Welke routes zijn volgens de geldende regels officieel aangewezen voor recreatief gemotoriseerd verkeer?
Op 30 juni verklaarde minister van Justitie Arthur Dowers dat er nog geen specifieke route voor off-roadverkeer was aangewezen. Volgens hem moesten de bevoegde instanties eerst bepalen welke delen gebruikt mochten worden en moesten die routes duidelijk worden gemarkeerd om correcte handhaving mogelijk te maken.
Dat kan juridisch zwaar wegen.
Wanneer regelgeving uitsluitend gemotoriseerde recreatie op aangewezen routes toestaat, maar de overheid die routes jarenlang niet formeel heeft vastgesteld, kan een rechter moeilijk simpelweg bepalen dat de bestaande praktijk daarom onbeperkt mag doorgaan.
Bestuurlijke vertraging maakt een activiteit niet automatisch rechtmatig.
Tegelijkertijd heeft de overheid zelf de wegen gesloten
Een tweede vraag is echter even belangrijk:
Heeft de regering bij het afsluiten van routes niet verder ingegrepen dan strikt noodzakelijk was?
Volgens ABC-voorzitter Greg Peterson heeft ABC de rotsblokken niet geplaatst. Hij verklaarde tegenover Amigoe Aruba dat dit door de overheid is gebeurd en benadrukte dat zijn organisatie zelf niet bevoegd is openbare wegen af te sluiten.
Daarmee moeten twee zaken juridisch uit elkaar worden gehouden.
ABC kan de rechter vragen bestaande natuurregels te laten naleven.
Maar het is de overheid die vervolgens bepaalt hoe zij die regels uitvoert, binnen de grenzen van haar wettelijke bevoegdheden.
De conclusie “UTV-verkeer is onvoldoende gereguleerd” is juridisch niet hetzelfde als de conclusie “alle wegen moeten voor iedereen met een motorvoertuig worden geblokkeerd.”
Juist daar kan de rechter donderdag een belangrijke scheidslijn trekken.
Mogelijke uitkomst: ABC krijgt gedeeltelijk gelijk
Op basis van de beschikbare regelgeving, de voorgeschiedenis en met name de uitspraak uit 2020 lijkt het volgende scenario juridisch goed verdedigbaar:
Het Gerecht oordeelt dat Land Aruba en ACF bestaande natuur- en ruimtelijke regels daadwerkelijk moeten handhaven en dat commercieel of recreatief gemotoriseerd verkeer niet zomaar mag plaatsvinden over routes die niet overeenkomstig de geldende voorschriften zijn aangewezen.
Daarmee zou ABC op het principiële punt grotendeels gelijk krijgen.
Maar vervolgens kan de rechter de gevraagde voorziening beperken.
Hij zou bijvoorbeeld kunnen bepalen dat zijn beslissing niet automatisch geldt als een algemeen verbod op alle motorvoertuigen op iedere openbare weg, en dat de overheid onderscheid moet maken tussen commerciële off-roadactiviteiten en andere vormen van rechtmatige toegang.
Dat zou juridisch een belangrijk compromis zijn.
Rechter zal waarschijnlijk geen routeplanner worden
Het is bovendien onwaarschijnlijk dat een civiele kortgedingrechter zelf een kaart zal tekenen en bepalen:
“Hier mogen UTV’s rijden, hier niet, en deze weg moet worden geopend.”
Dat is in beginsel een bestuurlijke taak.
De rechter kan het Land wel verplichten de wet na te leven en onrechtmatig gebruik te beëindigen. Vervolgens ligt het bij regering, DOW, DIP, natuurbeheer en andere bevoegde instanties om binnen dat juridische kader officiële routes, toegangstijden, voertuigcategorieën en andere voorwaarden vast te stellen.
Daar bevindt zich mogelijk de grootste bestuurlijke kwetsbaarheid van het Land.
Die oplossing had in belangrijke mate al vóór deze rechtszaak kunnen worden voorbereid.
Regering kende probleem al jaren
In augustus 2024 verklaarde de regering zelf dat al jarenlang werd gezocht naar een betere balans tussen avontuurlijk toerisme en natuurbescherming.
De overheid kondigde toen expliciet regulering, vermindering van UTV- en ATV-gebruik en alternatieve routes aan.
Toch verklaarde minister Dowers eind juni 2026 dat een specifieke off-roadroute nog steeds niet officieel was bepaald.
Dat tijdsverloop kan een verzoek om nóg meer tijd voor de rechter moeilijker maken.
Een rechter kan begrip hebben voor onderhandelingen en politieke oplossingen, maar tegelijkertijd oordelen dat reeds geldende regelgeving ondertussen niet onbeperkt buiten toepassing kan blijven.
Volledige overwinning ABC minder vanzelfsprekend
Een andere mogelijke uitkomst is dat ABC vrijwel volledig gelijk krijgt en dat de rechter zeer strikte handhaving beveelt.
Dat risico bestaat.
Arubaanse rechters hebben in eerdere natuurbeschermingszaken laten zien dat zij bereid zijn concrete maatregelen te bevelen wanneer wettelijke bescherming onvoldoende wordt nageleefd.
Toch is een zeer breed verbod waarbij praktisch ieder motorvoertuig uit grote delen van de noord- en noordoostkust wordt geweerd juridisch minder vanzelfsprekend.
De rechter zal waarschijnlijk willen weten:
welke wegen openbaar zijn;
welke gebieden precies onder welke beschermingscategorie vallen;
welke activiteiten recreatief of commercieel zijn;
welke routes formeel zijn aangewezen;
welke bevoegdheid ACF heeft over iedere afzonderlijke weg;
en welke gevolgen een algemeen verbod heeft voor normale toegankelijkheid.
Zonder het volledige actuele verzoekschrift van ABC is bovendien niet met zekerheid vast te stellen hoe breed ABC haar vordering juridisch precies heeft geformuleerd.
Ook volledige overwinning toursector lijkt moeilijk
Aan de andere kant lijkt ook het scenario waarin de rechter bepaalt dat alles onmiddellijk terug moet naar de situatie van vóór juni weinig waarschijnlijk.
De uitspraak uit 2020 laat zien dat economische belangen, investeringen en jarenlang gebruik niet automatisch zwaarder wegen dan aantoonbare natuurbescherming.
Daarbij komt dat de regering zelf al jaren erkent dat UTV- en ATV-gebruik gereguleerd moet worden.
Een terugkeer naar volledig ongecontroleerde toegang zou daarom moeilijk te verenigen zijn met zowel eerdere rechtspraak als het eigen regeringsbeleid.
Waarschijnlijkste scenario: natuurregels handhaven, maar geen automatisch totaalverbod
Wanneer alle publiek beschikbare gegevens naast elkaar worden gelegd, lijkt een gedeeltelijke toewijzing juridisch het meest evenwichtige scenario.
De rechter kan ABC gelijk geven dat bestaande natuurregels daadwerkelijk moeten worden gehandhaafd.
Hij kan bepalen dat ongeautoriseerd recreatief gemotoriseerd gebruik in beschermde gebieden niet mag doorgaan.
Maar hij kan tegelijkertijd weigeren die verplichting zo ruim te formuleren dat hierdoor automatisch iedere openbare weg voor iedere inwoner of ieder type motorvoertuig wordt afgesloten.
De regering zou vervolgens snel moeten doen wat jarenlang niet volledig is afgerond: juridisch geldige routes vaststellen, duidelijke grenzen markeren en een systeem creëren waarin natuurbescherming, handhaving en gecontroleerde toegang daadwerkelijk naast elkaar kunnen bestaan.
Dat zou voor de toursector geen volledige overwinning zijn.
Voor ABC evenmin.
Maar het zou de juridische verantwoordelijkheid leggen waar zij uiteindelijk thuishoort: bij de overheid om de bestaande regels correct en proportioneel uit te voeren.
Morgen mogelijk nog geen vonnis
Eén punt moet daarbij nadrukkelijk worden rechtgezet.
Donderdag 10 september staat volgens de huidige publieke informatie de zitting gepland. Het is niet zeker dat het Gerecht diezelfde dag onmiddellijk uitspraak doet.
De rechter kan na de behandeling een datum voor vonnis bepalen.
Daarnaast ligt het verzoek van het Land om uitstel nog op tafel.
Morgen kan daarom zowel procedureel als inhoudelijk een beslissende dag worden, zonder dat daarmee noodzakelijk om 10 september al het definitieve antwoord bekend is.
Maar wanneer het Gerecht uiteindelijk uitspraak doet, lijkt één vraag centraal te staan:
kan een overheid die jarenlang wist dat duidelijke routes en regulering noodzakelijk waren, het gebrek aan die eigen besluitvorming gebruiken als reden om óf ongecontroleerd gebruik voort te zetten óf juist een veel groter gebied af te sluiten dan voor naleving van de wet noodzakelijk is?
De bestaande Arubaanse rechtspraak suggereert dat de rechter beide uitersten kritisch zal beoordelen.
![verkiezing 2024 [Recovered]](https://amigoearuba.com/wp-content/uploads/2026/09/nototaalverbod.jpeg)