Voorzitter College van procureurs-generaal wil eenvoud in vervolging, maatwerk in uitvoering
Den Haag – Het Nederlandse strafrechtsysteem dreigt vast te lopen door toenemende complexiteit, lange doorlooptijden en overspannen verwachtingen van wat het strafrecht kan oplossen. Dat stelt Rinus Otte, voorzitter van het College van procureurs-generaal van het Openbaar Ministerie (OM). In een uitgebreid interview met Pels Rijcken pleit hij voor een fundamentele herijking: meer eenvoud in vervolging en berechting, gecombineerd met ruimere discretionaire bevoegdheden voor de uitvoerders van vonnissen.
Strafrecht vastgelopen door complexiteit
Volgens Otte heeft het OM zijn eigen werk in de afgelopen decennia onnodig ingewikkeld gemaakt. Het resultaat is dat zware criminaliteit te vaak onbestraft blijft en dat er te veel tijd zit tussen strafbaar feit en daadwerkelijke bestraffing. “Te lang wachten is ook onrechtvaardig,” stelt hij. Die vertraging ondermijnt volgens hem het gezag van de rechtsstaat en vergroot het risico dat burgers het recht in eigen hand nemen.
Minder maatwerk bij de rechter, meer bij de uitvoering
Opvallend is dat Otte niet pleit voor het afschaffen van maatwerk, maar voor een andere plek ervan in het systeem. Waar maatwerk nu vooral wordt afgedwongen in de strafoplegging door rechters – met veel subjectieve afwegingen – zou die ruimte volgens hem beter kunnen worden gelegd bij uitvoeringsorganisaties zoals het CJIB, de reclassering en DJI.
Binnen de kaders van het vonnis zouden deze uitvoerders meer vrijheid moeten krijgen om te bepalen:
- of een straf volledig moet worden uitgezeten,
- of een geldboete geheel moet worden geïnd,
- of alternatieve uitvoeringsvormen effectiever zijn.
Dat vereist volgens Otte expliciete wettelijke grondslagen voor discretionaire bevoegdheid, in plaats van steeds fijnmaziger wetgeving.
Vereenvoudiging als rode draad
Het pleidooi past binnen een bredere koerswijziging bij het OM. Zo worden:
- het aantal sepotgronden teruggebracht van tachtig naar vijf,
- strafbeschikkingen vaker ingezet,
- tenlasteleggingen eenvoudiger gemaakt,
- civiele schikkingen kritischer afgewogen ten opzichte van rechterlijke uitspraken.
Volgens Otte levert rechterlijke duidelijkheid soms meer op dan eindeloze onderhandelingen: “Rechtsvorming vraagt ook om durven procederen.”
Realisme over de rol van strafrecht
In zijn visie waarschuwt Otte tegen wat hij “illusiepolitiek” noemt: de verwachting dat strafrecht maatschappelijke problemen oplost. Strafrecht is volgens hem geen genezingsmiddel, maar een rem op verdere maatschappelijke schade. Criminaliteit zal altijd terugkeren, net als onkruid in een moestuin. De opdracht van het OM is daarom om steeds terug te keren naar de kern van het vak: effectief, proportioneel en uitvoerbaar handhaven.
Meer vertrouwen in uitvoerders
De kern van Ottes boodschap is uiteindelijk een vertrouwenskwestie. Niet alles kan vooraf dichtgetimmerd worden in wetgeving. Wie een uitvoerbaar en rechtvaardig systeem wil, moet durven vertrouwen op professionele uitvoerders – mét democratische controle achteraf, niet met micromanagement vooraf.




