DEN HAAG/KRALENDIJK — Het bedrijfsleven krijgt een grotere rol in de samenwerking met de Caribische eilanden en landen binnen het Koninkrijk. Het kabinet wil lokaal ondernemerschap stimuleren door middelen van het Rijk te combineren met investeringen van lokale private partijen. Die aanpak wordt als eerste toegepast met de 24 miljoen euro die beschikbaar is gesteld voor de productie van vers voedsel.
Dat blijkt uit een brief van staatssecretaris Zsolt Szabó van Digitalisering en Koninkrijksrelaties aan de Tweede Kamer. Met het beschikbare bedrag wordt een revolverend fonds opgericht, waarin onder meer lokale banken en pensioenfondsen kunnen deelnemen. Volgens het kabinet moet deze constructie leiden tot betere resultaten en meer economische zelfredzaamheid op de eilanden.
Szabó stelt dat de inzet van private partijen meer ruimte biedt voor investeringen door ondernemers. Volgens hem is economische zelfredzaamheid, naast goed bestuur en solide overheidsfinanciën, van groot belang voor de toekomst van de eilanden. De staatssecretaris ziet de nieuwe werkwijze ook als toepasbaar in andere economische sectoren en in samenwerking met het maatschappelijk middenveld.
Kwetsbaar door import
Het kabinet maakte eerder al bekend 24 miljoen euro uit te trekken voor voedselzekerheid op de zes eilanden in de Caribische delen van het Koninkrijk. Die eilanden zijn voor hun verse voedsel in sterke mate afhankelijk van import. Volgens het kabinet maakt die afhankelijkheid inwoners kwetsbaar voor onder meer hoge importtarieven, schommelingen in wisselkoersen en natuurrampen. Lokale voedselproductie moet vers voedsel betaalbaarder maken, de economie stimuleren en de zelfredzaamheid vergroten.
Volgens de staatssecretaris spelen ondernemers daarbij een cruciale rol, omdat zij zorgen voor lokale initiatieven en innovatie. Het kabinet wil daarom niet werken met losse projecten, maar met een meer samenhangende en resultaatgerichte aanpak. Daarbij worden ook kennisinstellingen betrokken om ondernemers te ondersteunen met innovatieve toepassingen en het delen van kennis. Ook wordt gewerkt aan de oprichting van een academie die daaraan moet bijdragen.
Leningen en kennisvouchers
Een belangrijk knelpunt voor ondernemers op de eilanden is de beperkte toegang tot kapitaal. Vooral ondernemers in de voedselproductiesector hebben volgens het kabinet moeite om financiering te krijgen voor het starten, uitbreiden of vernieuwen van hun bedrijf. Om dat te verbeteren, wordt het revolverend fonds ondergebracht in een externe stichting.
Doordat ook private partijen aan het fonds kunnen deelnemen, moet het beschikbare budget worden vergroot. De stichting zal leningen met een lage rente verstrekken aan ondernemers die vers voedsel produceren. Volgens het kabinet zorgt dit voor een langdurige, innovatieve en effectieve inzet van de middelen en wordt zowel de private voedselproductie als het ondernemerschap op de eilanden versterkt.
Daarnaast kunnen bedrijven in de tweede helft van 2025 een kennisvoucher van 5.000 euro aanvragen. Die voucher kan worden ingewisseld bij een kennisinstelling voor advies en expertise, bijvoorbeeld om de productiviteit en efficiëntie te verhogen.
Rol voor lokale overheden
Een deel van de middelen wordt via lokale overheden ingezet om de noodzakelijke randvoorwaarden voor verdere ontwikkeling te creëren. Het persbericht vermeldt niet welke concrete voorzieningen of maatregelen daar precies onder vallen.
Met de nieuwe aanpak wil het kabinet de samenwerking tussen overheid, ondernemers, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties versterken, met als doel de economische basis van de Caribische delen van het Koninkrijk duurzamer te maken.
