Hulpverleners op de Filipijnen hebben dinsdag de tweedaagse reddingsoperatie beëindigd na de instorting van een gebouw in aanbouw in de stad Angeles, ten noorden van de hoofdstad Manila. Zeker vier mensen kwamen om het leven, terwijl zestien personen nog altijd vermist zijn.
Het negen verdiepingen tellende appartementencomplex stortte zondagochtend vroeg in en viel daarbij op een nabijgelegen hotel. Onder de gevonden slachtoffers bevonden zich een Maleisische man en twee bouwvakkers die onder het puin bekneld waren geraakt.
Na twee dagen intensief zoeken besloten de autoriteiten de reddingsoperatie maandagavond te staken. Speciale apparatuur waarmee levenstekenen kunnen worden opgespoord, wees uit dat er geen overlevenden meer onder het puin aanwezig waren. Sindsdien richt de hulpverlening zich uitsluitend op het bergen van de lichamen van de slachtoffers.
Maria Leah Sajili, woordvoerster van de regionale brandweerdienst, richtte zich emotioneel tot de nabestaanden tijdens een persconferentie. Ze benadrukte dat de reddingswerkers alles in het werk hebben gesteld om levens te redden, maar dat het nu tijd is om verder te gaan met de bergingswerkzaamheden.
Van de zestien vermiste personen waren er aanvankelijk zeventien gemeld. Één van hen meldde zich echter maandag bij de autoriteiten en bevestigde dat hij op het moment van de instorting niet op de bouwplaats aanwezig was.
Een van de bouwvakkers, de 55-jarige Alfredo Albis, vertelde aan persbureau AFP dat hij vermoedt dat twee van zijn neven tot de vermisten behoren. Hij sliep op het moment van de instorting in een nabijgelegen slaapverblijf voor arbeiders. Volgens hem werkten zijn neven op de bouwplaats om hun gezinnen te kunnen onderhouden.
Op de bouwplaats waren naar schatting zo’n zeventig mensen werkzaam, maar het merendeel was voor het weekend naar huis gegaan, waardoor het aantal slachtoffers beperkt bleef. De exacte oorzaak van de instorting wordt nog onderzocht.
