ORANJESTAD — MEP-parlementariër Dangui Oduber heeft felle kritiek geuit op minister Geoffrey Wever van Financiën en Economische Zaken. Volgens Oduber kiest de minister met een voorgesteld maximum rentepercentage van 25 procent niet voor de consument, maar voor de hoogste mogelijke lasten voor mensen die een lening afsluiten.
Wever was in het parlement aanwezig om uitleg te geven over de Landsverordening Regeling Kredietverlening. Die wet moet, als alles volgens planning verloopt, op 1 januari 2027 ingaan. Het doel is om regels vast te stellen voor het maximale rentepercentage dat bedrijven mogen rekenen op kleine leningen en op financieringen voor de aankoop van producten zoals wasmachines, drogers, koelkasten, televisies en mobiele telefoons.
Volgens Oduber kunnen bedrijven op dit moment nog vrij bepalen welke rente zij op dergelijke leningen toepassen. Met de nieuwe wet komt daar een wettelijk maximum voor in de plaats. De minister van Financiën en Economische Zaken speelt daarbij een bepalende rol, omdat hij uiteindelijk beslist welk maximumpercentage zal gelden.
Oduber plaatste zijn kritiek in de bredere economische context. Volgens hem verkeert Aruba in een moeilijke situatie, met stijgende kosten van levensonderhoud en toenemende druk op gezinnen. Hij wijst erop dat brandstof, diesel en gas in prijs zijn gestegen, wat volgens hem ook doorwerkt in de prijzen van producten in de supermarkt. Daarnaast stelt hij dat een gezin van vier personen inmiddels minstens 5.551 florin per maand nodig heeft om in de basisbehoeften te voorzien.
De parlementariër zegt dat veel mensen moeite hebben om financieel rond te komen en dat van de regering meer begrip en medeleven verwacht mocht worden. In dat licht noemt hij de keuze voor een renteplafond van 25 procent onbegrijpelijk.
Volgens Oduber lagen er drie opties op tafel voor het maximale rentepercentage. Bonaire hanteert een tarief van 22 procent. Ook de Centrale Bank van Aruba zou de minister hebben geadviseerd om voor 22 procent te kiezen. Een ander adviesbureau zou een percentage tussen 18 en 20 procent hebben voorgesteld. De consultant van de minister adviseerde volgens Oduber echter een rente van 25 procent, en dat is uiteindelijk ook de keuze geworden.
Oduber stelt dat de minister daarmee bewust voor het hoogste percentage heeft gekozen, terwijl er ruimte was om consumenten beter te beschermen met een lager plafond. Volgens hem toont dit aan dat de minister niet handelt in het belang van de ‘kleine man’.
Tijdens de vergadering gaf Oduber aan dat hij een publiek debat wil over het onderwerp en een motie wil indienen om het rentepercentage te verlagen. Volgens hem liet minister Wever weten die motie niet te zullen volgen.
Oduber roept de fracties van AVP en Futuro op om duidelijk te maken of zij de kant van de bevolking kiezen of instemmen met wat hij omschrijft als een onrechtvaardige maatregel. Ook vraagt hij zich af waarom de minister een lager voorstel van 18 procent niet heeft overgenomen en in plaats daarvan heeft gekozen voor 25 procent.
