ORANJESTAD — MEP-parlementariër Endy Croes spreekt van een ‘zwarte vrijdag’ in de geschiedenis van Aruba na de behandeling van de HOFA-wet op vrijdag 6 maart 2026. In een schriftelijke verklaring noemt hij het optreden van de ministers Mike Eman, Geoffrey Wever en Gerlien Croes een ernstige aantasting van het Statuut en de autonomie van Aruba.
Volgens Croes begon het proces al op 29 augustus 2025, toen het parlement werd geïnformeerd dat de HOFA-wet in Nederland aan de orde zou komen. Hij stelt dat MEP zich vanaf dat moment tegen de wet heeft verzet en daarvoor steun heeft gezocht bij maatschappelijke organisaties en vakbonden. In dat verband wijst hij erop dat volgens de partij meer dan 10.000 mensen hun afkeuring over de wet hebben uitgesproken.
Croes stelt verder dat de regering waarschuwingen vanuit de samenleving heeft genegeerd. Zo verwijst hij naar brieven van dertien vakbonden die zich tegen HOFA hebben uitgesproken. Ook noemt hij het advies van professor Elzinga, die volgens Croes heeft gesteld dat de wet in strijd zou zijn met de Arubaanse grondwettelijke verhoudingen.
Daarnaast bekritiseert de MEP-parlementariër het uitblijven van overleg met vertegenwoordigers van de vakbonden. Hij verwijt de regering dat zij de behandeling van HOFA alsnog op de agenda van de Rijksministerraad heeft laten plaatsen zonder opnieuw naar het parlement te komen.
Ook de beëdiging en snelle uitzending van Milly Schwengle als minister plenipotentiair naar Nederland wordt door Croes scherp veroordeeld. Volgens hem heeft zij daarmee meegewerkt aan een besluit dat tegen de belangen van Aruba ingaat.
In zijn verklaring benadrukt Croes dat MEP zich zal blijven verzetten tegen HOFA. De partij zegt in de komende week opnieuw in overleg te zullen treden met de vakbonden en spreekt uit de strijd tegen de wet voort te zetten.
