ORANJESTAD — Onderzoeker Jeltzlin Semerel van de University of Aruba (UA) heeft samen met Nigel John, Wim Dehaen en Pedro Fardim een wetenschappelijk artikel gepubliceerd over de verwerking en herbestemming van afval uit de aloë vera-industrie. De studie, getiteld Valorization of Aloe barbadensis Miller. (Aloe vera) Processing Waste, is opgenomen in het Journal of Renewable Materials en is ook beschikbaar via de repository van de universiteit.
Met de publicatie wil de UA aandacht vragen voor de maatschappelijke relevantie van het onderzoek dat aan de universiteit wordt uitgevoerd. De samenvattingen van onderzoeksprojecten worden daarom in het Papiamento, Engels en Nederlands gepubliceerd op het online platform van de instelling.
In het artikel staat centraal dat de wereldwijde vraag naar aloë vera-gel blijft toenemen, mede door het gebruik ervan in onder meer shampoo, zeep en zonnebrandproducten. Die groei gaat echter ook gepaard met een grotere hoeveelheid restafval. Volgens de samenvatting van het onderzoek kan één verwerkingsfaciliteit voor aloë vera-gel tot 4000 kilo afval per maand produceren.
Dat afval wordt nu veelal gestort of als meststof gebruikt. Volgens de onderzoekers is dat niet zonder gevolgen. Restmateriaal uit de verwerking kan bijdragen aan uitstoot van gassen die samenhangen met klimaatverandering en kan bovendien leiden tot vervuiling van bodem en grondwater. Daarom pleiten de auteurs voor een duurzamer systeem voor afvalverwerking.
De studie geeft een overzicht van eerder onderzoek naar mogelijke toepassingen van deze reststromen. Zo blijkt dat aloë vera-afval rijk is aan vitaminen, medicinale bestanddelen en natuurlijke polymeren. Daardoor zou het bruikbaar kunnen zijn in medische toepassingen, zoals wondbehandeling, huidtransplantatie en systemen voor gecontroleerde afgifte van medicijnen.
Ook de bioactieve bestanddelen in het afval, waaronder emodine, aloïne en aloëhars, worden genoemd als potentieel waardevol voor de cosmetische en farmaceutische sector. Daarnaast zien onderzoekers mogelijkheden om de restproducten te verwerken tot veevoer en voer voor aquacultuur. Hergebruik op dat vlak kan volgens de studie ook bijdragen aan een lagere CO2-voetafdruk.
Verder noemen de auteurs milieutoepassingen, zoals het verwijderen van zware metalen, kleurstoffen en andere verontreinigende stoffen uit vervuild water. Daarnaast kan het afval volgens het overzicht dienen als grondstof voor biobrandstoffen, waaronder bio-ethanol, biogas en syngas zoals waterstof.
Volgens de UA laat het onderzoek zien dat afval uit de aloë vera-verwerking niet alleen een milieuprobleem vormt, maar ook economische waarde kan hebben. Door deze reststromen beter te benutten, zou de productie van aloë vera-gel kunnen worden ingepast in een meer circulaire economie, met mogelijke voordelen voor Aruba.
Het artikel van Semerel en mede-auteurs verscheen in 2023 in deel 11, nummer 3 van het Journal of Renewable Materials. De publicatie is te raadplegen via de repository van de University of Aruba.
